Goet Nederlands?

,Moet ik de taal leren? Denk aan ons lichaam. Wij baren tien kinderen, de autochtone vrouw maar een,” zei een migrante. Kleinzielig wijst zij het Nederlands af. En daarmee de Nederlandse gemeenschap waartoe ook zij behoort, of ze wil of niet. Voor deze minachting wacht haar, zo vermoed ik, een toenemend breed gedragen intolerantie.

De afgelopen jaren bleven vele migranten steken in hun verdriet over het verlies van hun thuisland. We kennen het verhaal. Gezamenlijk vormden velen hun verdriet om tot slachtofferschap op nationale schaal. De overheid beloonde hun afwijzing van aanpassing tot Nederlander. Nederlands spreken was niet nodig voor een inkomen of uitkering. Brochures over de verzorgingsstaat werden voor hen vertaald in talen die in hun thuisland soms niet eens gedrukt mochten worden. Hun kinderen kregen extra taalles en werkten als tolken voor hun zielige ouders, die de muren van hun denkbeeldig fort op bleven metselen. De integratieplicht leek hen een barbaarse bedreiging van hun gedroomde eigenheid. Hun inferioriteit bleef bevestigd. De cirkel bleef rond.

Maar het ‘ik’- tijdperk wordt nu verdrongen door het ‘wij’-tijdperk. Iedereen moet erbij horen. Ook migranten. ‘Gemeenschapszin’ wordt het credo van de politiek. Daarbij hoort gemeenschappelijke liefde en toewijding voor de Nederlandse taal.

Van migranten wordt nu hopelijk een resultaatsverplichting geëist. De ijverige autodidact met cassettebandjes ‘Hollands’ blijft natuurlijk uitzondering, maar koketteren met gebrekkig Nederlands raakt uit de mode. Een leuke bijwerking van dit alles is dat de sturende migrant de Nederlander tot verhoogde waakzaamheid brengt tegen de verloedering van zijn taal.

Wie weet zal de migrant die nu complimenten krijgt voor de voortreffelijke beheersing van het Nederlands, dat compliment ooit met flair kunnen retourneren. Maar daarvoor moet eerst het onderwijsstelsel worden hervormd. Tot die tijd weerklinkt een totaal geïntegreerd en aangepast: ‘Goet Nederlans? Nah. Kenne wu fan jau niet segge!’

Naema Tahir

Jurist en auteur van ‘Een moslima ontsluiert’ en ‘Kostbaar bezit’