De levenslust om iets met Alabastine te gaan doen

Sommige mensen maken spaghetti bolognese, of kijken slechte films, of dompelen zich in duur badzout, maar als ik me wat minnetjes voel koop ik woontijdschriften. Het zal het geborgen gevoel wel zijn wat er van die foto’s van gerenoveerde lofts in Gent, open-plan boerderijen in Drenthe en neo-gothische villa’s in Buenos Aires afstraalt, dat ik in tijden van geestelijke nood zo verlang naar het woonmagazine. En het is een onschadelijk medicijn. Die tijdschriften zijn best duur, maar ach, alles beter dan heroïne, zeg ik altijd maar.

Urenlang verlies ik me dan in een reportage over dé manier om een thuiskantoor te creëren – je moet van die tijdschriften altijd met je bureau, je computer en je omkrullende Post-Its in een bezemkast gaan zitten, zodat je je thuiskantoor ’s avonds dicht kan gooien en stijlvolle cocktailparty’s kunt geven. Daarna voel ik altijd de aandrang om grootscheepse, gekmakende verbouwingsprojecten op touw te zetten in mijn huis. Daaraan merk je dat het woontijdschrift echt werkt als anti-depressivum: je komt onder het dekbed vandaan en voelt ineens de levenslust om iets met Alabastine te gaan doen.

Dit keer was de conclusie dat ik een grijze muur moest. Alle muren in alle tijdschriften waren grijs. Zeegrijs, muisgrijs, granietgrijs, duifgrijs, grijsgrijs en alle nuances daartussenin (woontijdschriften zijn dol op nuances tussen kleuren in). Dat grijs stond erg sereen en gedistingeerd in de gefotografeerde strandhuizen, maar hoe zou het staan in mijn pijpenla op twee hoog? En toch: het moest. Mijn muren zijn wit: te veilig. Bovendien heb ik één gele muur. Een herinnerig aan de jaren negentig, toen alles geel moest. Zeer beschamend.

Pagina na pagina bestudeerde ik. Grijze kamers met grijze meubels en een grijze schaal met twee appels erin (voor het kleureffect). De appels spraken me wel aan, maar ik werd, ondanks dat er ‘Grey is glamourous!’ bij stond, treurig van al dat grijs. Maar het was net als met de strakke spijkerbroek, de afgelopen herfst: ik wist dat hij lelijk was, en toch moest ik hem aan. Zo dwingend kan mode zijn.

Na zes tijdschriften stuitte ik op goed nieuws. ‘Trendkleur geel wint terrein in huis,’ las ik. ‘Want geel is warm en positief als de zon, zorgt voor levenslust én prikkelt de zintuigen.’ Als je maar lang genoeg uit de mode bent, raak je er vanzelf per ongeluk weer in.

Aaf Brandt Corstius

    • Aaf Brandt Corstius