Particulier onderwijs wordt een trendje onder kinderen van welgestelden

Op de British School leren ze tenminste het Engels goed te spellen, ontdekt

Maarten Huygen.

In de particuliere British School rekende ik op een headmaster die de deugnieten geducht op hun plaats kan zetten. Ik ben te veel beïnvloed door films over Britse kostscholen met zweepjes. De sfeer in de Britse basisschool in de internationale juridische hoofdstad Den Haag was ongedwongener dan ik had verwacht. Alleen voor mij als bezoeker was het bij de ingang een tikje streng. Veiligheid wordt door ouders op prijs gesteld en een British School kom je niet zomaar binnen. Ik kreeg van de vrouwen uit de portiersloge een veiligheidsbadge en ik moest me inschrijven maar zodra ik met schoolhoofd Paul Ellis die sluis was gepasseerd, zag ik onderwijzers en kinderen op een binnenplein dat in een sierlijke flauwe bocht langs lokalen ging. Dit gebouw heeft zelfs een ontwerpprijs gewonnen. Op de ochtend dat ik het gebouw bezocht zag ik in geen enkel klaslokaal kinderen in klassen rij aan rij braaf kijken naar een onderwijzer. Er heerste wel rust. In lichtblauwe truien geüniformeerde kinderen werkten in hun eentje of in kleine groepjes aan opdrachten. De meesten waren bij een schoolbijeenkomst voor de ‘achievement awards’, kleine prijsjes voor kleine prestaties. Ik zag een computerlokaal, dat je ook wel vindt in de publiek gefinancierde Nederlandse scholen. Niet dat in de British School nieuwe leermethodes als heilsboodschap worden gepropageerd. Trevor Rowell, hoofddirecteur van vier British Schools in en rond Den Haag en Assen, zegt dat klassikaal lesgeven nog steeds de kern is van het onderwijs aan de British School, ‘the bedrock’.

Het is misschien ook daarom dat ook onder Nederlandse ouders een trendje ontstaat om kinderen naar dergelijke dure internationale scholen te sturen. Er zijn zo al drie gevallen waar ik van hoorde. Rowell ontdekte tot zijn verbazing dat het aantal Nederlandse leerlingen in zijn Haagse scholen de laatste jaren met bijna de helft is gestegen, van 56 tot 90. Op ruim 2.000 leerlingen tot 18 jaar uit internationale kringen is dat beperkt, maar ook elders bezoeken steeds meer Nederlandse kinderen private en publieke internationale of Britse scholen, waar in het Engels wordt lesgegeven. Ouders willen geen strenge scholen maar instellingen die geld hebben voor een individuele aanpak. Er is wel meer discipline dan op een Nederlandse school, al was het alleen maar het verplichte schooluniform en aftrek van het wekelijkse halve uurtje voor vrije bezigheden.

In de British School van Assen, waar de NAM een vestiging heeft, zijn wel dertig van de 100 leerlingen Nederlands. Het zijn niet alleen kinderen uit internationale huwelijken of van werknemers van internationale bedrijven maar ook van gewone welgestelde Nederlanders voor wie het jaarlijkse schoolgeld van tussen de 11.000 en 13.000 euro per jaar niet op rekening komt van de zaak maar van henzelf. Op andere internationale scholen kan het schoolgeld oplopen tot 18.000 euro per jaar, het netto modale jaarinkomen. Soms willen ouders het vmbo vermijden voor hun kinderen. In een ander geval had een vwo zonder waarschuwing vooraf een jongen wegens een paar onvoldoendes van school gestuurd die later bij een van de British Schools tot de besten was gaan behoren.

De meeste mensen kunnen particulier onderwijs niet betalen en er zijn zeker goede openbare en bijzondere scholen te vinden. Toch kan ik de ouders die kinderen daarheen sturen begrijpen. Zelfs de altijd zo optimistische HBO-raad heeft kritiek op het Nederlandse middelbare onderwijs. Tweederde van de leerlingen van de pabo haalde een taaltoets niet. Ik zag zo’n student op de televisie die dacht dat lidwoorden voorzetsels waren. En die moeten les gaan geven op basisscholen. Je merkt het ook als je als ouder van een leerkracht een briefje vol taalfouten krijgt. De voorzitter van de HBO-raad, Doekle Terpstra, wil onderzoeken of er nog wel goed taal en rekenen wordt gedoceerd. Goed idee. Hij zei dat het doel van de overheid om 50 procent van de leerlingen naar het hoger onderwijs te sturen, zo niet kan worden gehaald. Dat kan wel, mits je het niveau van het hoger onderwijs flink verlaagt.

Ik hoor veel onheilstijdingen als gevolg van het lerarentekort. Een klas die een intensieve ‘module’ Nederlands moet volgen, terwijl de leraar Nederlands ziek is. Dan maar geen Nederlands. Leraren die nauwelijks nog zelf nakijken of overhoren, maar de leerlingen elkaar laten beoordelen. Jongens die nog lang niet zo zelfstandig zijn als van hen wordt verwacht. Huiswerk dat wordt afgeschaft. Het lijkt erop dat ‘het nieuwe leren’ vooral is bedoeld voor de nieuwe generatie slecht opgeleide leraren die te weinig kennis hebben om over te dragen. Internationaal gezien zouden Nederlandse leerlingen goed zijn in wiskunde, maar de vergelijking is wél gebaseerd op een Nederlandse test. Concurrentie van internationale scholen is een betere standaard voor het Nederlandse onderwijs.

Vergelijking is moeilijk want het Britse stelsel is anders. Rowell praat net als zijn Nederlandse collega's over het onderwijs in competenties in plaats van kennisoverdracht. „Dat is een internationale discussie”, zei hij. „Kennis veroudert tegenwoordig snel.” Maar de Britse spelling en taal zijn toch al eeuwenlang hetzelfde? Dat is waar, erkende hij. Op zijn school wordt veel tijd besteed aan spelling. Dat bestaat uit woordherkenning en het uitspreken van de klinkers. Aan de Britse spelling wordt weliswaar nooit gedokterd, maar spellen in het Engels is in het algemeen moeilijker dan in het Nederlands. Toch bestaat in Groot-Brittannië geen spellingcrisis. Britse scholen bieden leraren meer carrièremogelijkheden, zodat het beroep daar aantrekkelijker is. Speciaal de regering-Blair heeft zich daarop toegelegd. Leraren worden betaald voor het extra werk dat ze doen en de extra opleidingen die ze volgen. Inspecties worden grondig uitgevoerd en die bestaan niet uit hoofdzakelijk papieren procedures, maar inspecteurs komen ook in de klassen zelf. Schooldirecteur is een vak dat een apart opleidingscertificaat vereist. Daarin liggen de Britten voor, ook in hun minder elitaire scholen. Als een nieuw kabinet er weer niets voor over heeft om het onderwijs te verbeteren, kan het beter goede buitenlandse scholen gaan subsidiëren.

    • Maarten Huygen