Het plan naar een museum voor talen

De Leidse onderzoekers willen een interactieve tentoonstelling verzorgen die toont hoe talen in elkaar zitten, hoe ze verdwijnen en hoe ze beschermd kunnen worden. De expositie bestaat uit een documentaire over Yaaku, een taalgenerator en diverse workshops.

Het ruwe materiaal voor een film over de Keniaanse Yaaku-taal is al geschoten, tijdens een expeditie in januari 2005. Filmer Matthijs Blonk van het Nederlands Centrum voor Inheemse Volken heeft opnamen gemaakt van de vier mensen die nog Yaaku spreken en van de jongere generatie die de taal wil gaan spreken.

De taalgenerator Delilah is een computerprogramma dat woordenschat en taalregels van het Nederlands kent. Het genereert zinnen van ingevoerde woorden. Bezoekers kunnen bijvoorbeeld de woorden “boerin koeien melken” intikken, de taalgenerator maakt dan de zin „de boerin melkt de koeien”. Linguïst Crit Cremers heeft de taalgenerator ontwikkeld om onder meer te controleren hoe goed of treffend de ingebouwde beschrijving van een taal is. Dit soort software kan ook helpen om bedreigde talen te beschermen: een dode taal kan weer tot leven gewekt worden, als de taalregels en het lexicon bewaard zijn gebleven.

Daarnaast bestaat de taaltentoonstelling uit workshops. Bezoekers kunnen onder meer leren de tongklikgeluiden te maken die bij de uitspraak van een aantal exotische ‘kliktalen’ horen. Bovendien horen ze hoe verschillende talen klinken, leren hoe cultuur en taal met elkaar verbonden zijn.

Indien het Leidse voorstel dit jaar de Academische Jaarprijs wint, komt een Nederlands museum voor talen dichterbij. Voorlichters en taalkundigen van de universiteit in Leiden hebben al langer plannen voor een linguïstisch museum, zij zien in de taaltentoonstelling een goede opstap voor een permanente expositie over talen.