China en India kunnen leren van ons poldermodel

Nederland heeft moeite zich een nieuwe positie op de wereldmarkt te veroveren. Waar velen oog hebben voor de onstuitbare opmars van landen als China en India tot economische zwaargewichten, wordt er weinig aandacht geschonken aan hetgeen deze landen daarbij aan het verliezen zijn. Met name de aloude oriëntatie op evenwicht en harmonie, gesymboliseerd door het beroemde yin en yang, gaat aan het economisch geweld ten onder.

Zo is het evenwicht tussen economie en ecologie ver te zoeken. In tal van streken staat de kwaliteit van het drinkwater onder druk omdat rivieren zwaar vervuild zijn en in bijna alle grote steden is de lucht niet te harden van stank en stof. Ook de verhouding tussen stad en platteland is vaak ernstig verstoord.

Historisch gezien is het interessant dat Nederland zich is gaan oriënteren op deze van oudsher oosterse waarden, op harmonie en evenwicht met oog voor duurzame kringlopen en dus cyclische tijdsbeleving, op precies hetzelfde moment dat landen als China en India zich daarvan afkeren in naam van de traditioneel westerse focus op economische vooruitgang. Zo openbaart zich een `oriëntatie-switch` tussen culturen, die tal van kansen biedt. Nederland heeft immers een jarenlange expertise opgebouwd op het gebied van procesmanagement, integrale milieuzorg en duurzaam waterbeheer. Ons `polderen` maakt wereldwijd veel indruk. Op basis van ontwikkeling en uitbouw van deze expertise kan ons land zich een nieuwe, economisch krachtige positie op de wereldmarkt veroveren.

    • Thomas van Slobbe
    • Stichting Waarde