Weekboek 3

Henny Vrienten Foto Lex van Rossen HENNY VRIENTEN t.a.v. muziekredaktie FOTO LEX VAN ROSSEN Rossen, Lex van

Henny Vrienten knoopt dichterseindjes aan elkaar

Muzikant Henny Vrienten, bekend als zanger en bassist van de legendarische band Doe Maar, heeft een poëzierubriek in het nieuwe opinietijdschrift Opinio, dat vandaag voor het eerst verschijnt.

De rubriek heet ‘Zwaan kleef aan’ en bestaat wekelijks uit twee door Vrienten geselecteerde gedichten waartussen een bepaald verband bestaat. Deze week opent de rubriek met ‘Een foto van 11 september’ van de Poolse dichteres Wislawa Szymborska, geschreven naar aanleiding van een foto van mensen die van het brandende World Trade Center afspringen. Dat gedicht wordt gevolgd door ‘Schilderij, Duits, 19e eeuw’ van Jan Eijkelboom, over twee geliefden die zich van een rots afwerpen. Het is de bedoeling dat het laatste gedicht in de rubriek aansluit bij het eerste gedicht van de volgende week. „Een gedichtenestafette”, legt Vrienten uit.

„Ongeacht periode of land, lees ik een gedicht en dat brengt me bij een volgend gedicht.” Wat poëzieconsumptie betreft noemt de muzikant zichzelf een ‘omnivoor’, maar er is één periode waar hij het meeste van houdt: Angelsaksische poëzie tussen 1890 en 1940, „de periode waarin ook ‘The Waste Land.’ verscheen”. De rubriek zal verder bestaan uit niet meer dan wat begeleidende regels van Vrienten. Uitgebreid over poëzie schrijven is namelijk niet zijn stiel: „Als poëzie bezongen moet worden haak ik snel af. Ik wil met deze rubriek alleen al dat fantastische aanreiken dat er is.”

Opinio verschijnt vanaf vandaag wekelijks op tabloidformaat. Er staan foto’s noch advertenties in het tijdschrift, dat gedrukt wordt op roze krantenpapier. De eerste Opinio, onder leiding van de conservatieve voormalige Trouw-coryfee Jaffe Vink. kan bogen op een paar grote namen: Ayaan Hirsi Ali schrijft vanuit Washington een commentaar op de Nederlandse kabinetsformatie; de Engelse schrijver en psychiater Theodore Dalrymple wijdt een artikel aan het geestelijke klimaat in Frankrijk en Anne Appelbaum van de Washington Post en Slate is gestrikt voor een column.

Vlaanderen loopt warm voor eigen poëzieprijs

De Herman De Coninckprijs, een nieuwe Vlaamse poëzieprijs, moet net zo’n publiekslieveling worden als zijn naamgever. Dankzij een mediaoffensief van initiator boek.be, voorheen de ‘Vereniging ter Bevordering van het Vlaamse Boekwezen’, zal het weinig Vlamingen zijn ontgaan dat de nieuwe prijs het levenslicht heeft gezien. Zo stonden deze week elke dag twee gedichten uit de tien genomineerde dichtbundels in De Standaard en las acteur Matthias Schoenaerts dagelijks twee genomineerde gedichten voor op Radio 1 en tv-zender Canvas.

Het Vlaamse publiek kan tot middernacht op een daarvoor bestemde website zijn stem uitbrengen op het beste gedicht. Aan de vooravond van Gedichtendag (25 januari) wordt de winnaar bekend gemaakt. Dan wordt ook bekend wie het andere gedeelte van de prijs wint: de juryprijs voor de beste bundel.

Er was in Vlaanderen behoefte aan een eigen poëzieprijs, zegt directeur van boek.be Geert Joris: „Wat hier gebeurt verdrinkt vaak in het grote geheel van het Nederlandse taalgebied.” Overigens wordt het begrip ‘Vlaming’ breed opgevat: een dichter die een speciale band heeft met Vlaanderen komt ook voor de prijs in aanmerking. Zodoende heeft Joke van Leeuwen, woonachtig in Antwerpen, een plek op de shortlist.

De genomineerden zijn Bernard Dewulf (Blauwziek), Charles Ducal (In inkt gewassen), Peter Ghyssaert (Kleine lichamen), Stefan Hertmans (Kaneelvingers), Peter Holvoet-Hanssen (Spinalonga), Roland Jooris (Als het dichtklapt), Els Moors (Er hangt een hoge lucht boven ons), Erwin Mortier (Uit één vinger valt men niet), Leonard Nolens (Een dichter in Antwerpen) en Joke van Leeuwen (Wuif de mussen uit).

    • Reinier Kist