Goed rendement lastiger te vinden

Pensioengigant ABP gaat meer geld beleggen buiten de beurs. De verwachte rendementen liggen wel lager dan de opbrengsten in het verleden.

De komende vijftien jaar rekent ABP, Nederlands grootste pensioenfonds (209 miljard euro beleggingen), op structureel lagere rendementen dan de afgelopen vijftien jaar zijn gerealiseerd.

Dat bleek gisteren bij de presentatie van ABP’s beleggingsplan voor de komende jaren. De hoogte van de rendementen is in de vergrijzende samenleving allesbepalend voor de houdbaarheid van de pensioenen en de blijvende koppeling van het pensioen aan de loonstijging. De afgelopen vijftien jaar boekte ABP ruim 8 procent rendement per jaar, de komende vijftien jaar rekent het fonds op ruim 6 procent.

„De afgelopen jaren was sprake van een ongekende verlaging van de inflatie en daarmee van de rente, dat kan niet nog een keer gebeuren”, zei directeur vermogensbeheer R. Munsters van ABP gisteren. Hij weigerde het toekomstbeeld pessimistischer te noemen en hield het bij „prudent”. Hij verwacht boven de 6 procent nog wel wat extra’s te verdienen door slimme keuzes te maken.

Vorig jaar behaalde ABP dankzij hoger dan gemiddelde rendementen en oplopende rentetarieven een duidelijke verbetering van zijn financiële positie. Het rendement kwam dankzij koerswinsten bij aandelen, vastgoed en opkopersfondsen (private equity) uit op 9,5 procent. De verhouding tussen beleggingen en pensioenverplichtingen, de maatstaf voor de financiële positie (dekkingsgraad), verbeterde met ruim 13 procentpunt naar 133 procent. ABP verzekert ruim 1 miljoen actieve werknemers bij de overheid en in het onderwijs.

De hele pensioenwereld vaart wel, bleek gisteren uit hun resultaten. De dekkingsgraad van PGGM (81 miljard euro beleggingen; ruim 1,1 miljoen actieve werknemers in zorg en welzijn) steeg met 15 procentpunt naar 133 procent. De dekkingsgraad van het Bedrijfstakpensioenfonds Metalektro (ruim 20 miljard euro beleggingen; 160.000 werknemers) ging met 6 procentpunt omhoog naar 129 procent, die van Pensioenfonds Metaal en Techniek (31 miljard euro beleggingen; 400.000 actieve werknemers) steeg 15 procentpunt naar 135 procent. Het Metaal en Techniek fonds profiteerde het meest van de gestegen rente, die de waarde drukt van de pensioenverplichtingen.

In zijn beleggingsplannen voor de komende jaren breidt ABP zijn belangen uit in niet-traditionele beleggingen buiten de beurs, zoals financiële opkopers, zwerfkapitalisten, obligaties waarvan de rente is gekoppeld aan inflatie, grondstoffen en infrastructuur. Het totaal van deze ‘alternatieve beleggingen’ steeg van 1,5 procent van het vermogen in 2000 naar ruim 12 procent in 2005, en dat percentage wordt de komende drie jaar verdubbeld naar 24 procent. Doordat ook het vermogen van ABP zal groeien, komt de komende drie jaar 37 miljard euro extra geld beschikbaar. De koers buiten de beurs moet extra rendement geven (opkopersfondsen, zwerfkapitaal), of juist meer stabiele inkomsten (infrastructuur, zoals tolwegen) of juist werken als een soort verzekeringspremie tegen inflatie (obligaties die aan de index zijn gekoppeld; grondstoffen).

Wat de diversiteit aan beleggingen verenigt is dat de waarde en de inkomsten nauw gekoppeld zijn aan de trends in de werkelijke economie. Daardoor moeten de beleggingen minder gevoelig worden voor de sentimenten op financiële markten die hausses en crashes veroorzaken en versterken.

ABP heeft, zo bleek gisteren, ook maatregelen genomen om zich minder kwetsbaar te maken voor fluctuaties in de rente. De looptijd van de effecten met een vaste rente is verlengd tot gemiddeld acht jaar. Is de financiële positie van ABP daarmee verzekerd? Directievoorzitter D. Sluimers: „Een sterke daling van de dekkingsgraad is altijd mogelijk.”

    • Menno Tamminga