Geld met tenenkaasbacteriën

Al gaat het van hand tot hand, geld is niet vies. Dat blijkt uit onderzoek naar ziekmakende bacteriën op euromunten en papiergeld afkomstig van bakkers, slagers, groenteboeren, kaasboeren en snackbars. Levensmiddelenmicrobioloog Rijkelt Beumer van de Wageningen Universiteit verrichtte het onderzoek.

Bij de slager wemelt het toch van de ziekmakende bacteriën?

„Geld is een droog oppervlak. Waarom zouden daar meer bacteriën opzitten dan op toetsenborden of op winkelwagentjes? Bovendien eet niemand geld en worden onze geldmachines steeds van verse flappen voorzien. Dat bevordert de hygiëne.”

Hoeveel ziekteverwekkers trof u aan?

„Op munten gemiddeld tussen de 10 en 600 bacteriën. Op papiergeld meestal 250 tot 20.000 bacteriën.”

En dat is niet verontrustend?

„Nee, aantallen zijn geen goede indicator voor het risico dat een geldbezitter loopt. Op een normaal blad andijvie zitten bijvoorbeeld zeker tien miljoen bacteriën en op uw hand ook een paar miljoen. De soorten bacteriën zijn meer van belang. Salmonellabacteriën, die via rauw vlees bij de slager op geld terecht kunnen komen, troffen we niet aan. De darmbacterie E. coli vonden we slechts in zeer lage aantallen. Alleen op biljetten van de kaasboer zitten soms een miljoen staphylococcus aureus bacteriën. Maar dat kan geen kwaad. De meeste mensen hebben die bacterie ook in de oksels en tussen de tenen.”

Laatst was er ook zo’n onderzoek naar wc-brillen in openbare gelegenheden.

„Hou op. Die ophef daarover sloeg nergens op. Je zit toch alleen op zo’n bril? En niemand die zich eigen achterste aflikt. Handen wassen en de kraan met een wegwerphanddoekje uitdoen, dan loop je geen risico.”