Schotland voor de Schotten

Gordon Brown, de beoogde opvolger van premier Blair, is fel tegen een Schotse staat.

De ‘Schotse kwestie’ brengt hem ernstig in verlegenheid.

De Britse prins Charles en zijn vrouw Camilla Parker-Bowles woonden in augustus de Highland Games in het Schotse Caithness bij. (Foto AP) Prince Charles of Wales and his wife Camilla, The Duchess of Cornwall attend the Mey Highland games in Caithness, Scotland, Saturday Aug. 5, 2006. (AP PhotoAndrew Milligan,PA) ** UNITED KINGDOM OUT NO SALES NO ARCHIVE ** Associated Press

Veel Schotten hebben de unie met Engeland, die deze week 300 jaar geleden werd goedgekeurd door het Schotse parlement, altijd een blunder gevonden. Slechts te wijten aan list, bedrog en steekpenningen van de Engelsen. Vergeten is de ‘Schotse kwestie’ dan ook nooit, maar juist de laatste maanden groeit het verzet tegen de unie weer snel. De zaak lijkt zelfs een hoofdrol te gaan spelen bij de regionale verkiezingen, begin mei.

De Schotse Nationale Partij (SNP), die het uitstekend doet in opiniepeilingen, heeft al een referendum over onafhankelijkheid beloofd onder de leuze ‘1707: Geen recht om te kiezen; 2007: Het recht om te kiezen’. Peilingen wijzen uit dat twee op de vijf Schotten wel voor een eigen staat voelen. Ook intellectuelen bekeren zich tot het idee. „Ik twijfel er niet aan dat onafhankelijkheid de Schotten gelukkiger zou maken”, aldus de historicus Michael Fry vorige maand in het gerespecteerde maandblad Prospect. Eerder steunde Fry de unie.

Er is echter één machtige Schot in Londen, die hartstochtelijk gekant is tegen een eigen staat: minister van Financiën Gordon Brown, de gedoodverfde opvolger van premier Tony Blair. Voor hem is er geen grotere nachtmerrie dan een onafhankelijk Schotland. Jarenlang heeft Brown verbeten moeten wachten tot zijn rivaal Blair was uitgeregeerd. Eindelijk ligt het premierschap binnen bereik. Maar nu dreigen Browns eigen Schotse medeburgers alsnog roet in het eten te gooien. Het is immers moeilijk denkbaar dat Brown aanblijft als premier, als Schotland zijn eigen weg gaat.

Om dit sombere scenario te vermijden trok de minister afgelopen zaterdag in een ingezonden stuk in The Daily Telegraph van leer tegen de „Balkanisering van Groot-Brittannië”. Hij noemde de unie van 1707 „een model voor de wereld hoe naties niet alleen naast elkaar kunnen leven maar samen ook sterker kunnen zijn en afzonderlijk zwakker”. Brown hamerde op het belang van ‘Britishness’. In de multiculturele samenleving is het volgens hem zaak bindende factoren te bevorderen, niet verschillen tussen bevolkingsgroepen te onderstrepen. De kern van die ‘Britsheid’ vormt de combinatie van vrijheid en sociale verantwoordelijkheid. „We kunnen een baken voor de wereld zijn”, stelde hij.

Probleem voor Brown zijn echter niet alleen de vijf miljoen Schotten. Ook onder de 50 miljoen Engelsen koesteren velen bedenkingen over de huidige constellatie. Ze wijzen op een asymmetrie in de verhoudingen. De Schotten hebben dankzij een hervorming van de regering-Blair sinds 1999 een eigen regionale regering en een eigen parlement. Ze hebben zeggenschap over onderwijs, gezondheidszorg, milieu, rechtspraak en economische ontwikkeling.

De Engelsen op hun beurt kennen zo’n autonomie niet. Zij moeten het doen met het nationale Britse parlement en de Britse regering. En daarin mogen de Schotse volksvertegenwoordigers onbeperkt meestemmen.

Vooral Conservatieve politici ergeren zich aan deze situatie, die Engelsen als het ware achterstelt bij Schotten. Hun wrevel is des te sterker omdat het leeuwendeel van de Schotse parlementariërs deel uitmaakt van de Labour Partij van Blair en Brown. De Conservatieven zelf haalden bij de laatste verkiezingen maar één zetel in Schotland, hetgeen hun geestdrift voor de Schotten niet heeft versterkt. Met groot plezier zien ze hoe Brown nu steeds meer in verlegenheid raakt door de Schotse kwestie.

De voorstanders van onafhankelijkheid in Schotland hanteren verschillende argumenten. SNP-leider Alex Salmond meent dat het natuurlijker is voor Schotten door eigen mensen te worden bestuurd. Ook vindt hij dat de Schotse olierijkdom aan de Schotten zelf ten goede moet komen. Hij stelt de Schotten de Scandinavische landen ten voorbeeld, die ook een kleine bevolking hebben maar welvarender zijn dan Schotland. Bovendien hebben ze een hoog niveau van sociale zekerheid.

Meer behoudend ingestelde Schotten, zoals Fry, wijzen op de afhankelijkheid van de Schotse economie van subsidies uit Londen. Hoewel de Britse regering per hoofd van de bevolking 30 procent meer uitgeeft in Schotland dan in Engeland, ligt het Schotse inkomen per hoofd 5 procent lager. Als Schotland op eigen benen moet staan worden de burgers vanzelf actiever en creatiever, betogen zij. Fry stelt ook Ierland ten voorbeeld, dat lang bij Groot-Brittannië was ingelijfd maar nu heel goed zijn eigen boontjes kan doppen.

Intussen beseffen zowel Labour als de Conservatieven dat het ditmaal om het voortbestaan van de unie zelf gaat, waar ook de Tories niet vanaf willen. Ze hebben al aangekondigd de komende tijd alles uit de kast te zullen halen om de verkiezingen te winnen. Maar voor veel Schotten hoeft het niet meer. „Ik wil niet dat Schotland minder Schots wordt”, schreef bezoeker James Paton op de website van de BBC. „We moeten het rottingsproces stuiten voor het te laat is! Bouw de muur van Hadrianus weer op. Het enige wat ons op dit moment beschermt is ons slechte weer.”

    • Floris van Straaten