Een ‘net-alsof-soap’

Regisseur Pernille Fischer Christensen maakt een film over soapopera’s.

Naar de regels van Dogma.

Een transseksuele bijna-vrouw (op één cruciale operatie na) scheert zijn been met zeep. scene uit de film En Soap (2006) FOTO: A-Film benen scheren A-Film

Dogma is nog lang niet dood. Steeds weer zijn er regisseurs die zich laten inspireren door de kuisheidsregels die Lars von Trier, het enfant terrible van de Deense film, opstelde, om de film te zuiveren van alles wat afleidt van het spontane hier en nu, het momentum van het film maken. De Deense Pernille Fischer Christensen nam het meest artificiële televisiegenre dat zij kende, de soapopera, draaide de premisse een kwartslag en beende het melodrama uit. Ze haalde er vorig jaar de competitie van het filmfestival Berlijn mee. Maar A Soap zou nooit de bizontest van een echte soap doorstaan. De twee hoofdpersonen zijn miezerig, hun belevenissen nauwelijks identificeerbaar en hun bestaan valt niet te benijden.

Christensen doet ook net alsof. Ze verdeelt haar film in afleveringen met abrupte eindes, voorafgegaan door in zwart-wit gedraaide samenvattingen, waarin een ronkende stem ons de soap-suspense voorspiegelt die de levens van Charlotte (de geweldige Trine Dyrholm, de mooiste serveerster uit Festen) en Ulrik/Veronica (David Dencik) node ontberen.

Voor een film die een soap wil zijn is A soap erg subtiel. Te subtiel eigenlijk, want je kunt er meer in interpreteren dan in zien. En voor een film die een anti-soap wil zijn is A soap te weinig venijnig. In ieder geval heeft het leven van Veronica weinig overeenkomsten met dat van bijvoorbeeld het zelfgecreëerde persona van Kelly uit de real live soap Big Brother. En is het leven van de vrijgevochten seksueel zelfstandige Charlotte niet gemodelleerd naar het voorbeeld van Sex and the City. Op zulke momenten is A Soap de beste vlucht die je kunt hebben uit een versoapte wereld.

A Soap (En soap)

Regie: Pernille Fischer Christensen. Met: Trine Dyrholm, David Dencik. In: 5 bioscopen.