Direct kritiek op Randstadbestuur

Het advies van de commissie-Kok om vier provincies samen te voegen tot één Randstadprovincie is van verschillende kanten direct met kritiek ontvangen. De commissie stelde gisteren dat alleen met behulp van één bestuur langer lopende problemen in de Randstad opgelost kunnen worden.

„Dit is niet de goede manier om de economische positie van de Randstad te versterken”, zegt Kamerlid Spies (CDA). Ook twee van de vier betrokken Commissarissen van de Koningin verzetten zich tegen het vormen van één Randstadprovincie. De kern van de bezwaren is dat zo’n ingrijpende reorganisatie afleidt van het oplossen van de problemen met de bereikbaarheid, het woon- en leefmilieu en de arbeidsmarkt.

Eerder riepen de betrokken commissarissen van de koningin en de burgemeesters van de vier grote steden in de Randstad, verenigd in de zogeheten ‘Holland acht’, zelf per manifest op tot snel en hard ingrijpen in de manier waarop de Randstad bestuurd wordt. Volgens Spies bleek toen al dat er niet genoeg draagvlak is onder de betrokken bestuurders. „De inkt van het manifest van de Holland Acht was nog niet droog of de bestuurders gingen rollebollend over straat”. Het CDA „richt geen absolute blokkade op” tegen een nieuwe type Randstadbestuur, maar gaat pas iets doen als „de betrokken bestuurders zelf aangeven hoe zij dat willen doen”.

Een nieuwe vorm van bestuur is wel degelijk nodig, stelt Kamerlid Timmermans (PvdA). Maar het staat voor hem nog niet vast dat één Randstadbestuur de oplossing is. „Daar moet een nieuw kabinet snel iets over zeggen.”

De Commissarissen van de Koningin van Noord-Holland en Flevoland hebben al aangegeven één Randstadprovincie een slecht idee te vinden. Volgens hen is de Randstad in werkelijkheid geen eenheid. Als er al een bestuurlijke herindeling moet komen, zou de Randstad in een Noord- en Zuidvleugel opgedeeld moeten worden. Maar een snelle aanpak van concrete problemen verdient voorrang, vindt de Noord-Hollandse commissaris Harry Borghouts (GroenLinks). „We willen het nooit erkennen, maar we weten echt met zijn allen dat reorganisaties ten koste van de inhoud gaan”.