Nederlander gemiddeld van 40 naar 80 jaar oud

Door een technische fout stond de grafiek op deze pagina in de krant van gisteren verkeerd afgedrukt. Daarom hier nogmaals het artikel met grafiek.

Hij stierf net voor zijn vijfde: een ouder broertje van mijn opa. (En net als hij en ik ook een Kornelis Goutbeek.) De kindersterfte was destijds, rond 1910, twintig keer zo hoog als nu. Op onderstaande grafiek is te zien dat de Nederlander inmiddels bijna twee keer zo oud wordt als rond 1850.

Vuilophaal, riolering, water

In 1847/48 greep na misoogsten de laatste hongersnood in Nederland om zich heen: daarna vielen de meeste slachtoffers door infectieziekten; besmettelijke ziekten, overgebracht door virussen of bacteriën. Het ergst was dat in 1859 (uitbraak van pokken en cholera) en 1866, toen er opnieuw cholera heerste, waarbij alleen al in Amsterdam 20.000 slachtoffers vielen, bijna 10 procent van de bevolking. Cholera werd verspreid via vervuild grachtenwater. Tussen 1850 en 1900 komt de drinkwaterleiding en vuilophaal van de grond, in 1910 verschijnt er riolering. Er kwamen betere medische zorg, hygiëne en voeding.

Zuigelingensterfte

De lage levensverwachting rond 1850 hing vooral samen met de hoge kindersterfte. Een kwart van de kinderen stierf voor zijn eerste verjaardag. Van alle overleden Nederlanders was 41 procent jonger dan 5: tegenwoordig is dat 1 procent.

Spaanse griep

De Amerikanen die in de Eerste Wereldoorlog meevochten, werden tegen zo’n 20 virussen ingeënt. Mogelijk veroorzaakte dit de virusmutatie H1N1, die ook toesloeg in Nederland. We kwamen er nog genadig van af met 27.000 doden in 1918: wereldwijd vielen door de Spaanse griep maar liefst twee keer zoveel slachtoffers dan door de Grote Oorlog zelf: zo’n 20 miljoen.

Wereldoorlog Twee

In de barre oorlogswinter lieten 20.000 Nederlanders het leven, dat is de kloof in de grafiek aan het einde van WO II. Dat er zoveel meer mannen stierven had deels te maken met jongens die meevochten.

Vanaf ’70: gestaag stijgende lijn

Tussen 1950 en 1970 stagneert de levensverwachting bij mannen. Daarna stijgt deze weer, onder andere doordat mannen minder gingen roken. De sterfte door kanker daalde sinds 1970 met 20 procent, de sterfte door hart- en vaatziekten halveerde zelfs. Daarom zal kanker rond 2010 hart- en vaatziekten inhalen als doodsoorzaak nummer 1 in Nederland. Samen zijn ze verantwoordelijk voor 60 procent van de sterfte in Nederland.

Medische doorbraken

Er zijn medische doorbraken te verwachten die ons leven verder zullen verlengen. Het verleden leert wel dat hooggespannen verwachtingen vaak maar deels ingelost kunnen worden. Toch zal onze levensverwachting rond 2050 naar de 85 geslopen zijn. Belangrijker is nog dat we meer jaren in goede gezondheid zullen leven, pijnlozer en aangenamer. Leve de toekomst!