Nederland krijgt onvoldoende voor CO2-beleid

Nederland moet beter zijn best doen om de uitstoot van CO2 te verminderen. Dit Brussels oordeel is om meer dan één reden pijnlijk voor Den Haag.

De Nederlandse regering wil graag voorop lopen als het om het milieu gaat. Enkele maanden geleden schreef premier Balkenende daarom een brief. Samen met Tony Blair, de Britse premier, richtte hij zich tot de Europese regeringsleiders.

Er moet nú wat gebeuren, was hun boodschap. Balkenende en Blair vroegen de Europese Commissie, het dagelijks bestuur van de Europese Unie, daarbij een leidende rol te spelen en te komen met ambitieuze voorstellen.

Diezelfde Europese Commissie had gisteren slecht nieuws voor Nederland. Een Nederlands plan om de uitstoot van CO2 terug te dringen is onvoldoende, vindt de Commissie. De Nederlandse regering wilde energiebedrijven en fabrieken toestaan jaarlijks 90,4 miljoen ton CO2 uit te stoten in de periode 2008-2012. Dat moet 5 procent minder worden, zo liet het dagelijks bestuur weten.

Alle EU-landen hebben plannen moeten inleveren bij de Europese Commissie om de verspreiding van CO2 terug te dringen. Die plannen zijn bedoeld om de zogeheten emissiehandel op gang te brengen en bedrijven te stimuleren schonere technieken te gebruiken.

Het milieu is helemaal terug van weg geweest. Niet alleen Blair en Balkenende hebben het er over. Barroso, de Portugese voorzitter van de Europese Commissie, kwam vorige week nog met een ambitieus plan. Hij wil Europese landen laten afspreken dat ze in 2020 de uitstoot van CO2 verlagen met twintig procent, ten opzichte van het niveau van 1990. „Het minimum”, noemde Nederland die doelstelling vorige week bij monde van staatssecretaris Van Geel (Milieu). De Britse milieuminister David Miliband liet weten twintig procent eigenlijk nog te weinig te vinden.

Meteen staan regeringen voor een test. Want het belangrijkste instrument om die twintig procent, of meer, te halen, is op dit moment het systeem van emissiehandel. De vraag is of Nederland voor die test zal slagen.

Een nuancering is op zijn plaats. Er zijn de afgelopen maanden twaalf plannen beoordeeld van twaalf landen. De CO2-limieten die deze landen hadden voorgesteld, werden door de Europese Commissie verlaagd met gemiddeld ongeveer zeven procent. Nederland doet het relatief goed met een verlaging van ruim vijf procent. Slechts één land kreeg een voldoende van de commissie. Dat was, misschien een beetje pijnlijk voor Balkenende, het Verenigd Koninkrijk, het land van medebriefschrijver Tony Blair.

Een van de andere landen die een onvoldoende kregen, was Duitsland. Anderhalve maand geleden, toen het Duitse CO2-plan werd afgewezen, klonk er uit Berlijn direct oorlogszuchtige taal. „Totaal onacceptabel”, noemde de Duitse minister van Economische Zaken het besluit van de Commissie. In Berlijn werd zelfs gesuggereerd dat de zaak maar moest worden uitgevochten voor de rechter.

Zulke taal is niet te verwachten van de Nederlandse regering. Die liet gisteren in een eerste reactie weten het te betreuren dat er kritiek is uit Brussel op enkele onderdelen van het Nederlandse plan. Maar het verlagen van de totale hoeveelheid CO2 die mag worden verspreid is „acceptabel”, aldus een verklaring. Op voorwaarde dat „Nederland de zekerheid heeft dat de Nederlandse bedrijven niet zwaarder worden aangepakt dan hun collega’s in andere lidstaten”.

Regeringen moeten de eisen van de Europese Commissie in principe honoreren. Dat hebben ze eerder zelf zo met elkaar afgesproken. „Het is dus niet zo dat ‘Brussel’ dit bedenkt”, zegt europarlementariër Jules Maaten (VVD). Volgens hem is het goed dat er „een onafhankelijke jury” is. Op andere terreinen heeft hij die jury met echte macht in het verleden gemist. Maaten wijst op de ‘Lissabon-doelstellingen’, het mislukte en vrijblijvende plan om van Europa de meest concurrerende economie ter wereld te maken. „Het is jammer dat het Nederlandse CO2-plan is afgewezen”, zegt de liberale europarlementariër. „Maar deze dwingender aanpak is de enige manier.”

    • Jeroen van der Kris