Bos houdt vol: ik wil geen minister worden

PvdA-leider Wouter Bos houdt vooralsnog vast aan zijn standpunt dat de politiek leider van de PvdA in de Tweede Kamer hoort te zitten. De enige uitzondering is volgens hem als de politiek leider van de PvdA minister-president wordt.

Bos benadrukte gisteren dat er tijdens de gesprekken met CDA en ChristenUnie over een nieuw kabinet nog niet over de invulling van ministersposten is gesproken.

„Mijn mening is daarover niet veranderd”, zei Bos in de wandelgangen van de Tweede Kamer. Hij noemde het „wel zo helder” als de PvdA-leider in het parlement zit.

Maandagavond had demissionair vicepremier Zalm (Financiën, VVD) nog gezegd dat hij verwacht dat Bos vicepremier en minister van Financiën zal worden. Ook binnen de PvdA klonken de afgelopen dagen geluiden als zou Bos het kabinet in gaan.

Bos had in de verkiezingscampagne voor de Kamerverkiezingen van 22 november steeds gezegd dat hij premier wilde worden als de PvdA de grootste partij zou worden, en anders zou hij in de Kamer blijven. De PvdA werd op 22 november niet de grootste partij van het land. De partij leverde 9 zetels in en kwam op 33 zetels uit. Het CDA verloor ook en daalde van 44 naar 41 zetels, maar bleef wel de grootste.

Bronnen rondom de formatiebesprekingen van CDA, PvdA en ChristenUnie laten echter al enige tijd doorschemeren dat het CDA er belang aan hecht dat Bos wel in het kabinet zitting zal nemen. Zo zou Bos kunnen laten zien dat hij het kabinet echt steunt. Vandaag gaan de drie onderhandelaars – Balkenende (CDA), Bos (PvdA) en Rouvoet (ChristenUnie) – naar verwachting op een nog geheime locatie verder met de formatiebesprekingen.