Jurkje

Sportjournalisten kwellen zich de laatste dagen met de vraag: wat is er aan de hand met Michaëlla Krajicek, onze enige hoop in bange Nederlandse tennisdagen? Michaëlla liet zich immers op de Australian Open ontluisteren door een 31-jarige Luxemburgse, nummer 151 op de wereldranglijst, die ze vorig jaar nog gemakkelijk had verslagen.

Michaëlla is al langer bedenkelijk van slag, en daarom werd de bemoeizuchtige stiefvader in mij meteen klaarwakker toen ik in de Volkskrant een foto van haar zag, gemaakt tijdens de partij tegen die Luxemburgse nobody.

Ik moest even met mijn ogen knipperen. Was dit Michaëlla nog wel? Ik zag een bevallige jonge speelster, gekleed in een paars jurkje met aan de onderzijde witte plooien om het geheel wat klokkender, zoals dat geloof ik heet, te maken. Ze was in het gezicht magerder geworden en het haar onder de hoofdband leek blonder en onstuimiger dan vroeger.

Meisje of vrouw, ze wist eigenlijk niet hoe ze zich voelde, zei ze ‘giechelend’ in de begeleidende tekst.

Maak er maar rustig vrouw van, Michaëlla. Niets om je voor te schamen, integendeel, maar wel lastig als je in aanleg een kampioene bent.

Binnenkort verwacht ik een smeuïge fotoserie in de Privé of de Story, waarin we Michaëlla met een onbekende amant – nummer 152 op de Amerikaanse ranglijst – zien rondstappen. Op de achtergrond staat vader Petr, met bezorgd uitgerekte nek, terwijl hij zich afvraagt welke list hij nu weer moet bedenken om zijn dochter in het gareel te krijgen.

We kennen de hartbrekende verhalen over deze tennisvader, treurig dwalend rond de villa van zijn – zonder hem – beroemd geworden zoon Richard. Het zal hem godbetere toch niet opnieuw overkomen dat een van zijn oogappeltjes voor de dorst zo ver uit de boom valt dat hij haar niet meer kan bereiken?

Wat te doen?

Laten betijen, zei mijn moeder toen ik in (en uit) de puberteit kwam. Puberteit was voor haar vooral pubertijd. Er kwam een einde aan en daarna zag je wel verder.

Maar zo gemakkelijk ligt het niet voor Michaëlla Krajicek. In haar geval staan er grote belangen op het spel. Voor pa Petr is zij de dochter die alsnog alles kan goedmaken. Voor de Nederlandse tennisbond kan zij een lichtend baken worden in een duistere toekomst. Voor de Nederlandse tennisjournalistiek is zij het enige alibi voor spannende reizen naar spannende toernooien over de hele wereld. En voor zichzelf is zij een bankkluis die al geopend klaarstaat om de gouden staven te ontvangen.

Nu nog al die potjes winnen. Een stuk of honderd per jaar. Ze hoeft de carrière van haar broer maar te bekijken om te weten wat dat betekent. Klimmen op de wereldranglijst. Blessures. Nederlagen. Dalen op de wereldranglijst. Wanhopen. Terugkrabbelen. Nieuwe blessures. Weer wanhopen. Stoppen? Nee, doorgaan.

Ze kan ook kiezen voor de oplossing van de zusjes Williams: eerst alles voor de sport, maar dan, vrij snel, het leven. Serena en Venus halen nooit meer het niveau van hun begintijd, but who cares, ze zijn al ‘binnen’.

Ik kijk nog even naar het paarse jurkje op de foto. Het staat haar echt goed. Wie gaat er winnen? Het jurkje of het racket? Mijn intuïtie zegt: het jurkje.