Ballet Mind the Gap mist spanning

Dans: Station Zuid met Mind the Gap, werk van Václav Kunes en Stephen Shropshire. Tournee t/m 27/3. Inl: 013-5821021

Station Zuid moet sinds 2005 de moderne dans in Brabant, Limburg en Zeeland terugbrengen bij het publiek. Programmeur Marc Vlemmix nam die taak op zich, maar ziet zich, net als alle andere gezelschappen en productiehuizen, voor de lastige taak gesteld in dezelfde vijver naar getalenteerde choreografen en goede voorstellingen te vissen. Hij trok dan ook oude bekenden als André Gingras, Václav Kunes en Stepehen Shropshire aan en kwam met één onbekende choreograaf: Edward Clug. Vlemmix’ ambities liggen hoog want Station Zuid moet niet alleen een regionaal maar zeker ook een internationaal danshuis worden.

De derde productie van Station Zuid, Mind the Gap, is een double bill van Václav Kunes (ex-danser bij het Nederlands Dans Theater) en Stephen Shropshire (ex-danser bij Galili Dance). De Tsjech Kunes creëert in Wishes and Fears een slaapkamer met spiegelkasten. Acht dansers liggen soms hardop te dromen op de meditatieve klanken, ze lijken te slaapwandelen maar breken even vaak in sierlijke spasmen uit. Vooral danser Christian Guerematchi geeft een nachtmerrie met zijn hypermobiele lichaam prachtig vorm. Als geheel heeft Wishes and Fears echter weinig zeggingskracht: Kunes’ danstaal is vaardig en mooi maar toch vooral braaf en standaard. Er ontwikkelt zich in de opbouw niets en het eind is al even willekeurig als de rest. Bovendien is het lichtontwerp zo donker (een mode in de danswereld) dat je weinig contact kunt maken met de voorstelling. Uiteindelijk is Kunes’ droomwereld dan ook slaapopwekkend.

De Amerikaan Stephen Shropshire onderzoekt in Dandy het gelijknamige fenomeen van de enigszins excentrieke, modieuze jongeman die dol lijkt op loungen. Op de compositie L’Arlésienne van Georges Bizet dansen vier mannelijke en vier vrouwelijke dandy’s nuffig rond met wandelstokken en een hoed. Ze zijn uiteraard uitgedost in kleurrijke, te strakke jurken, spencers en broeken. Stuk voor stuk zijn ze licht neurotisch en sporadisch grappig. De types zien er allemaal aanstekelijk uit maar Shropshire heeft net als Kunes last van een dramaturgisch status quo: er zit weinig spannende theatrale opbouw in Dandy. Het verzandt in willekeur. Nergens wordt het noodzakelijk, nergens irritant als een dandy, nergens echt over the top.