Wie brengt de soldaten terug?

Ouders en vrienden van de afgelopen zomer ontvoerde Israëlische soldaten voeren actie voor hun vrijlating. ‘Een ruil met Palestijnse en Libanese gevangenen zal elke ouder begrijpen’.

Voor Malka Goldwasser, moeder van Ehud, één van de drie ontvoerde Israëlische reservisten, had deze zonovergoten, winterse vrijdag beroerder kunnen beginnen. „Het goede nieuws is dat er steeds meer aanwijzingen zijn dat mijn zoon Ehud, Eldad Regev en Gilad Shalit zeer waarschijnlijk nog in leven zijn. Het slechte nieuws is natuurlijk dat de onderhandelingen over hun vrijlating veel te lang duren,” zegt Malka in Zarit, een Galilees dorp, meters verwijderd van Libanon.

Een half jaar geleden, op een hete dinsdag in juli, werden hier Ehud Goldwasser en Eldad Regev op Israëlisch grondgebied – tussen het afscheidingshek van Zarit en de zogeheten Blauwe Lijn, de officiële grens – ontvoerd door de Libanese Hezbollah. Dit incident leidde tot de tweede Israëlisch-Libanese oorlog. Zeventien dagen eerder, op 25 juni, werd Gilad Shalit ontvoerd bij Kerem Shalom. Dat was het werk van de Volksverzetcomités in de Gazastrook.

De ontvoeringen zijn een trauma voor Israël, posters van de drie reservisten hangen in Jeruzalem, Tel Aviv en Haïfa aan iedere lantaren. Het uitblijven van hun vrijlating is net als de oorlog zelf een van de redenen dat de door corruptieschandalen geplaagde regering van premier Olmert zienderogen verzwakt.

De wetenschap dat Goldwasser en Regev, die gewond raakten, nog in leven zijn, komt van de Libanese oud-premier Amin Gemayel. Eerder zeiden woordvoerders van de Volksverzetscomités dat ook Shalit in leven is en wordt behandeld „volgens de regels van de Koran”. Het Rode Kruis mag hen overigens niet opzoeken.

Met honderden reservisten, studenten van de Universiteit van Haïfa waar Ehud Goldwasser milieukunde studeerde en motorvrienden van Harley Davidson-liefhebber Eldad Regev zijn de ouders van de ontvoerde soldaten bijeengekomen in Zarit. Daar sluiten ze hun demonstratieve auto- en motortocht af die ’s ochtends in Jeruzalem begon en via Tel Aviv en Haïfa naar het noorden van Galilea leidde.

De demonstranten vrezen dat het ontvoerde drietal wordt vergeten en dat hun lot een voetnoot wordt in de maalstroom van verwikkelingen in het Midden-Oosten. „Als we apathisch worden, zien we ze nooit meer terug”, zegt Meir Cohen van de Harley Davidson-club. Hij is advocaat in Tel Aviv. Nu is hij gestoken in het martiale tenue van een Hell’s Angel.

Malka: „Ze leven. Dat weet ik , dat voel ik. Waarom moeten de onderhandelingen dan zo lang duren? Als ik wat nodig heb, ga ik naar de winkel en koop het. Dat moet onze regering ook doen voor Ehud, Eldad en Gilad. Zij zijn ontvoerd omdat Hezbollah en de Palestijnse groepen willen onderhandelen over vrijlating van Libanese en Palestijnse gevangenen.”

Voor Noam Shalit, vader van Gilad, is het duidelijk dat de regering te weinig doet. „De regering is alleen maar bezig met overleven. Kennelijk voelen de ministers zich te zwak en kunnen zij het niet eens worden over het principe van een gevangenenruil en de lijst van vrij te laten Palestijnen”, zegt hij.

Malka wil niet al te kritisch zijn. Maar ook zij ziet dat de premier en de ministers worstelen met de politieke kwesties van de dag, de belabberde opiniepeilingen en dat ze openlijk ruziën over een strategie tegenover Libanon, Syrië en de Palestijnen. „Misschien zijn zij bang dat het ruilen van Libanese en Palestijnse gevangenen slecht zal vallen, maar ik weet zeker dat miljoenen vaders en moeders in Israël daar begrip voor hebben. Iedereen met zonen en dochters in het leger kan zich met ons identificeren”.

Malka is gestopt met werken. Ze zet zich volledig in voor de vrijlating van haar jongste zoon. De onderhandelingen met Hezbollah, waarbij de Duitse geheime dienst is betrokken, en de besprekingen met de Palestijnse groepen via de Egyptische geheime dienst hebben wel geruchten, maar nog weinig resultaten opgeleverd.

De families zetten daarom een een soort parallelle amateurdiplomatie in. Vader Noam heeft zich zeer pro-Palestijns uitgelaten en probeert met eigen initiatieven richting Hamas in Damascus en Gaza-Stad en de Palestijnse Autoriteit in Ramallah deuren te openen. Zijn nieuwste, wanhopig aandoende plan is om volgende week naar de Gazastrook te gaan en zich daar aan te bieden als gijzelaar in ruil voor zijn zoon.

Ook Malka richt zich tot Hezbollah via Al-Jazeera. Maar ze uit zich diplomatieker. Ze zoekt steun bij secretaris-generaal Ban Ki-moon van de VN, bij president Bush en bij Europese regeringsleiders en ministers die, op bezoek in Israël, niet om haar heen kunnen. Nu wil ze een ontmoeting met de vrouwen en moeders van de Libanese zes Hezbollah-gevangenen in Israël. „Ik heb contact met enkele Libanese moeders. We zullen elkaar hopelijk snel ontmoeten om te kijken of we kunnen samenwerken”, zegt ze. „Ook zij willen hun zonen terugzien. Ik denk dat het niet lang meer zal duren voordat Ehud en Eldad vrij komen.”

Vader Noam is niet zo zeker. „Ik droom vaak dat deze nachtmerrie nog jaren gaat duren.”