‘Vrijwilliger moet fatsoen bewijzen’

Alle vrijwilligers die met kinderen werken, moeten worden verplicht een ‘Verklaring van goed gedrag’ over te leggen voordat zij aan de slag kunnen. Dit zeggen de Nederlandse Organisaties Vrijwilligerswerk.

Bij de NOV zijn 400 vrijwilligersorganisaties aangesloten, zoals het Rode Kruis, Vluchtelingenwerk, Humanitas, NOC*NSF en Scouting Nederland. De NOV vertegenwoordigt rond de vier miljoen vrijwilligers in Nederland.

Een ‘Verklaring omtrent het Gedrag’ (VOG) is nu alleen verplicht voor werknemers die uit hoofde van hun functie met kinderen in aanraking komen, zoals in het onderwijs. De NOV wil dat minister van Justitie Hirsch Ballin (CDA) zo’n verklaring ook verplicht stelt voor de vrijwilligerssector.

„De kans op recidive is bij zedendelinquenten heel erg groot”, zegt Joost van Alkemade, teammanager leefbaarheid, namens de NOV. „Voor jongerenwerkers die in de fout zijn gegaan, is het nu te gemakkelijk om via het vrijwilligerswerk weer met kinderen in aanraking te komen.”

Volgens Justitie staat het vrijwilligersorganisaties nu al vrij zélf een VOG verplicht te stellen. De NOV vindt dat niet voldoende en wil een wettelijk kader.

Scouting Nederland zegt, in afwachting van eventuele nieuwe wetgeving, al te praten met andere vrijwilligersorganisaties over uitwisseling van ‘zwarte lijsten’, waarop medewerkers staan die in de fout zijn gegaan met kinderen.

Bij Scouting doen zich volgens Justitie per jaar zo’n veertig incidenten voor die met seksualiteit met kinderen te maken hebben, en in sportclubs rond de honderd. „Dan kun je je voorstellen hoe groot het probleem is in de hele vrijwilligerswereld, waar met vier miljoen vrijwilligers gewerkt wordt”, zegt Van Alkemade.

De NOV reageert met haar oproep op verscherpte wetgeving, waarmee minister Hirsch Ballin het veroordeelde zedendelinquenten lastiger maakt weer een betaalde baan te krijgen waarin zij met kinderen komen te werken. Sinds deze week krijgen mensen die solliciteren op een baan in bijvoorbeeld het onderwijs geen VOG als zij in de voorgaande twintig jaar zijn veroordeeld tot een (on-)voorwaardelijke gevangenisstraf of taakstraf wegens een zedendelict. Wie meer dan eens zo’n veroordeling heeft gekregen, krijgt nooit meer een verklaring van goed gedrag voor een dergelijke functie. „Alleen bij zeer hoge uitzondering wordt van deze regels afgeweken”, zegt een woordvoerder van Justitie.

De oude regeling bood meer ruimte, waardoor het mogelijk was dat iemand, afhankelijk van de ernst van het delict, na een aantal jaren weer een VOG kon ontvangen.

De verklaringen worden sinds 1 april 2004 verstrekt door het Centraal Orgaan Verklaringen omtrent Gedrag (COVOG), een dienst van Justitie. Voor die tijd werden de verklaringen afgegeven door de gemeenten.