Lijfrente kan altijd meer opleveren

Wanneer lijfrentepolissen expireren, komt de bezitter voor de vraag te staan wat te doen met de polis? Het kiezen van de juiste vorm van periodieke uitkeringen is lastig. Direct afrekenen met de fiscus kan een gunstige optie zijn.

Wanneer lijfrentepolissen aflopen, wordt u van alle kanten belaagd door commerciële partijen die een graantje willen meepikken. Het is onder die omstandigheden verstandig het hoofd koel te houden en uit te zoeken wat in uw geval van belang is.

Dat zoeken naar de beste oplossing begint al vroeg in het proces. Als de koopsompolis vrijkomt zijn er – afhankelijk van de soort koopsompolis – verschillende mogelijkheden. De uitkering omzetten in een tijdelijke of levenslange lijfrente, later laten uitkeren of de uitkering schenken aan kinderen. De mogelijkheid de koopsom uit te laten keren en direct af te rekenen met de fiscus wordt vaak direct terzijde geschoven. Toch kan dit wel degelijk een aantrekkelijke optie zijn voor de vele zogenoemde oudregimepolissen die voor 1 januari 1992 zijn afgesloten.

Dit lijkt in te druisen tegen de essentie van de lijfrente; in het verleden konden de premies worden afgetrokken, de uitkeringen zijn belast. Voordeel ontstaat door het verschil in belastingdruk tussen het hoge tarief waarbinnen de premies werden afgetrokken en het verwachte lagere belastingtarief bij pensionering.

Maar is dat laatste wel het geval? Valt u nog steeds in een hoog tarief – bijvoorbeeld door een comfortabel pensioen – dan kan direct uitkeren aantrekkelijk zijn, weet financieel adviseur Lex Visser van adviesbureau Sweelinck. Visser: „Bij uitkering van de polis moet inkomstenbelasting worden betaald en dat doet fiscaal pijn. Maar vaak is deze fiscale pijn in beide gevallen gelijk. Er zal vermoedelijk 52 procent belasting moeten worden betaald. Of u dat nu ineens doet over het totale bedrag of over de eventuele lijfrentetermijnen in de toekomst, maakt geen verschil.”

Niet elke adviseur zal de klant hierop attenderen; het is voor hen immers aantrekkelijker als de klant de polis voortzet. Visser noemt het een belangrijk voordeel dat na uitkering bovendien het resterende nettobedrag zelf kan worden belegd. „Dit zorgt voor een gerede kans op een hoger rendement dan de huidige, historisch zeer lage, rentestand. Op deze rentestand worden namelijk de uit te keren lijfrentetermijnen gebaseerd door de verzekeraar.”

Uitstellen van de lijfrente is een andere mogelijkheid; bijvoorbeeld als de uitkeringen op het moment nog niet echt nodig zijn. „De polis krijgt zo de kans om verder aan te groeien wat in de regel leidt tot een hogere uitkering later”, zegt Ramón Wernsen, master financial planner van FDC Financieel Planners en Adviseurs. „Bovendien kan verlenging tot na de pensioendatum de belastingdruk verlagen.”

Het tarief in de eerste belastingschaal tot zo’n 30.000 euro bruto-inkomen daalt met ingang van 65 jaar met bijna 18 procent (de AOW-premie wordt niet langer ingehouden). Fiscalisering mag echter nooit het hoofdargument zijn om een lijfrente uit te stellen, zegt Wernsen.

„Het belangrijkste is dat de lijfrente aansluit bij het verwezenlijken van de wensen van de consument.” Uitstellen kent namelijk ook nadelen. Volgens Wernsen moet serieus rekening worden gehouden met de kosten die ermee gepaard gaan. Uitstellen is in feite namelijk niets anders dan het opnieuw afsluiten van een koopsompolis, waarvoor de verzekeraar opnieuw provisie en kosten zal inhouden. Die provisie kan oplopen tot 7 procent over het koopsomkapitaal, legt Wernsen uit.

Hoe korter de duur van de verlenging, hoe zwaarder de kosten van de verzekeraar drukken op het eindkapitaal. Bovendien, zo benadrukt de adviseur, is het uiteindelijke rendement mede afhankelijk van het rendement op de nieuwe belegging. „Veel verzekeraars bieden zogenoemde huisfondsen aan waarbij niet zelden hoge kosten worden berekend.” Vraag daarom om de financiële bijsluiter van de fondsen waarin wordt belegd.

Wordt besloten de koopsompolis in lijfrente-uitkeringen te laten uitkeren, dan is het zaak de aantrekkelijkste aanbieder te vinden. Het is toegestaan de lijfrente aan te kopen bij een andere verzekeraar dan waar het kapitaal is opgebouwd. In de praktijk is het echter de vraag of de klant die gaat shoppen met zijn koopsom de offertes überhaupt wel kan vergelijken.

Interessanter dan het in standaardoffertes gehanteerde (beleggings)rendement op de inleg is het netto effectief rendement, waarin nadrukkelijk ook rekening gehouden met actuariële gegevens als leeftijd, geslacht en looptijd van de verzekering. Op de sites van de Consumentenbond en www.independer.nl is het mogelijk aanbieders op deze manier te vergelijken.

Controleer later wel of elke offerte dezelfde – door u opgegeven – uitgangspunten heeft. Uitkeringsverschillen kunnen bijvoorbeeld ontstaan door het wel of niet indexeren van de uitkeringen door de verzekeraar. Ook de begunstiging bij overlijden – wordt uitgekeerd aan de nabestaanden of vervallen de uitkeringen aan de verzekeringsmaatschappij? – heeft grote invloed op de hoogte van de uiteindelijke uitkeringen.