VS: actie tegen onruststokers Irak

De Verenigde Staten zullen actie ondernemen tegen landen die proberen Irak te destabiliseren. Dat heeft de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Condoleezza Rice gisteren gezegd.

Enkele uren eerder voerden Amerikaanse militairen in de noord-Iraakse stad Arbil een actie uit, die door Iran is gekwalificeerd als „een aanval op één van zijn consulaten”. In het gebouw, dat de Iraanse vlag zou hebben gevoerd, zijn volgens het Pentagon zes mensen gearresteerd. Lokale media meldden dat vijf helikopters militairen op het dak van het gebouw hebben afgezet. Computers en documenten zouden in beslag zijn genomen. Volgens de VS was het gebouw niet van de Iraanse regering en ging het om een „routine-operatie”.

Eind vorige maand werden in Bagdad al vier Iraanse diplomaten opgepakt op beschuldiging van voorbereiding van aanslagen in Irak. Zij zijn inmiddels weer vrijgelaten.

De Amerikaanse president Bush stuurde woensdagnacht in zijn toespraak over de nieuwe Amerikaanse strategie in Irak aan op verscherpte militaire confrontatie aan de grens met Syrië en Iran. „Succes in Irak vereist verdediging van de territoriale integriteit. Dat begint met Iran en Syrië. Die twee regimes staan terroristen en opstandelingen toe hun grondgebied te gebruiken om Irak in en uit te gaan. We zullen de stroom van steun uit Iran en Syrië afsnijden”, aldus Bush.

De Irak-strategie van Bush, die onder meer inhoudt dat 21.500 Amerikaanse militairen extra naar Irak worden gestuurd, is op felle kritiek gestuit van zowel Democratische als Republikeinse senatoren. Senator Joe Biden, de Democratische voorzitter van de commissie Buitenlandse Zaken, noemde de strategie een „tragische fout”. Volgens de Republikeinse senator Chuck Hagel zou uitvoering van de plannen „de gevaarlijkste blunder in het buitenlandbeleid sinds Vietnam” zijn.

Condoleezza Rice verklaarde gisteren dat de tijd voor de regering van de Iraakse premier Maliki om de veiligheid in Irak te herstellen begint op te raken. (Reuters, AP, AFP, BBC)

Analyse toespraak: pagina 6 en 7

Commentaren: pagina 18 en 19