Minsk gokt erop dat Moskou als eerste bezwijkt

Wit-Rusland profiteerde jarenlang van goedkope Russische energie, maar kwam economische beloftes aan Rusland niet na. In het jongste conflict hoopt Minsk te profiteren van een anti-Russische stemming.

Olieraffinaderij in Szazhalombatta, vlakbij de Hongaarse hoofdstad Boedapest, die gevoed wordt door de Russische Droezjba-pijpleiding, die door Wit-Rusland loopt en maandag door de Russen werd afgesloten na een conflict met Wit-Rusland. Foto AFP An engineer checks the refinery plant at the receiving station of the oil pipeline Druzhba in Szazhalombatta, some 30 kms south of Budapest, 09 January 2007. Russian oil supplies were cut to Hungary as a result of the transit dispute between Russia and Belarus, Gyorgy Bacsur, spokesman for the Hungarian oil and gas firm Mol said Tuesday. Hungary would begin to tap its strategic oil reserves if Russian oil supplies via the Druzhba pipeline do not resume within 24 hours of the interruption, Economy Minister Janos Koka said Monday after an emergency meeting on the country's energy security. AFP PHOTO / ATTILA KISBENEDEK AFP

De ‘energieoorlog’ tussen Rusland en Wit-Rusland is in de fase van het bluffen beland. Gisteravond bereidde de Russische televisie zijn kijkers voor op een langdurig beleg van het kleine buurland. „Een serieuze handelsoorlog’’, voorziet een Russische onderhandelaar. „En zo beginnen we het jaar weer vrolijk”, schrijft Kremlinkrant Izvestija.

Europa werd maandag onverwacht van Russische olie afgesneden wegens een energiedispuut tussen Rusland en doorvoerland Wit-Rusland. Dat hangt al in de lucht sinds april, toen Moskou vlak na de herverkiezing van de Wit-Russische president Loekasjenko aangaf ‘Europa’s laatste planeconomie’ niet meer met goedkope energie te willen subsidiëren.

Na een jaar vruchteloos onderhandelen dwong Moskou het tegenstribbelende buurland twee minuten voor nieuwjaar tot een prijsverdubbeling naar 100 dollar per duizend kuub gas en geleidelijke verkoop van de helft van de eigen gasdistributeur Beltransgaz. „Nu weten we waarom de Wit-Russen toen glimlachten”, schrijft een krant: Minsk slaat terug via olie. Een derde, 70 miljoen ton, van de Russische olie-export stroomt via Wit-Rusland naar Europa.

Tot dusver importeerde, bewerkte en exporteerde Wit-Rusland als partner in een douane-unie gratis Russische olie, wat per jaar zo’n 3,5 miljard dollar oplevert. Per 1 januari introduceerde Rusland een (redelijk marktconforme) exportheffing van 180 dollar per ton olie. Wit-Rusland eiste in ruil 45 dollar transitheffing op Russische olie, wat zo’n 3,2 miljard dollar zou opleveren. Toen Minsk dit weekeind als betaling in natura olie uit hoofdpijpleiding Droezjba (Vriendschap) naar Euopa begon af te tappen, draaide Rusland de kraan dicht.

De Europese Unie reageert zeer gealarmeerd op het sluiten van de Droezjba. Rusland had ten minste moeten overleggen, menen EU-voorzitter Barroso en de Duitse bondskanselier Merkel. Maar Europese druk komt Rusland even heel slecht uit, dus liet het avondnieuws de kijkers gisteren zonder blikken of blozen weten dat Europa ‘de huidige situatie zeker niet dramatiseert’ en ‘binnen enkele dagen een oplossing voorziet’.

Voorlopig zet Moskou de hakken in het zand. Het wil pas onderhandelen als de Wit-Russische transitheffing van tafel is en dreigt met verdere sancties, zoals importheffingen op Wit-Russische goederen. „Laten wij niet vergeten dat Rusland de grootste afzetmarkt van Wit-Rusland is”, zegt een Russische onderhandelaar. De reserves van de twee grote Wit-Russische olieraffinaderijen zijn over enkele dagen op, dan moet het buurland wel dure olie kopen, hoopt Moskou.

Veel analisten vermoeden dat Moskou zijn wil nu perse wil opleggen aan het afhankelijke en geïsoleerde buurland. Wit-Rusland profiteerde jarenlang van spotgoedkope Russische energie en ongelimiteerde toegang tot de Russische afzetmarkt, terwijl het de beloofde economische integratie afhield. Zo hebben Russische producten beperkte toegang tot de door quota’s geregeerde Wit-Russische afzetmarkt, komt er van privatiseringen niets terecht en wordt de introductie van de roebel als gezamenlijke munteenheid telkens uitgesteld. „Een stofzuiger”, zo kwalificeerde de Russische Energieminister Wit-Rusland gisteren. „Het is gênant als een volwassen jongedame als een baby wenst te worden behandeld.”

Wit-Rusland heeft van zijn kant reden om aan te nemen dat Rusland als eerste met de ogen knippert. Als paria van Europa heeft dictator Loekasjenko niks te verliezen, terwijl voor Rusland opnieuw schade dreigt aan zijn gebutste imago als energieleverancier. Na een jaar vol prijsgeschillen met buurlanden verdenkt het Westen Moskou ervan zijn energierijkdom stelselmatig te misbruiken om het oude imperium te herstellen. Dat zou de ware reden zijn dat Moskou vorig jaar in een prijsdispuut de gaskraan naar Oekraïne drie dagen dichtdraaide.

Voor Rusland is het een paradoxale situatie. Na vijftien jaar lang buurlanden goedkoop energie te hebben geleverd in de ijdele hoop ze afhankelijk en volgzaam te houden, volgt nu het westerse recept: marktprijzen voor olie en gas, betaling in contanten in plaats van corrupte ruilhandel. En juist op dat moment groeit de paniek over Ruslands intenties. Kristenko: „Geven wij ze goedkoop gas, dan kopen wij ze om. Vragen wij marktprijzen, dan plegen wij chantage.”

In dit klimaat heeft Wit-Rusland reden te hopen dat Rusland als eerste bezwijkt. Dus bluft men wederzijds nog even voort. Zo dreigde Rusland pijpleiding Droezjba, sinds 1964 de hoofdader van de Russische olie-export, gisteren permanent af te schrijven. Op televisie gaf Poetin zijn kabinet opdracht alternatieven te zoeken. Als transport over het spoor en rivieren geen soelaas bieden en de opslag tekort schiet, moeten Russische olieconcerns „de productie tijdelijk terugschroeven” om over-aanbod en een prijsval op de binnenlandse markt te voorkomen.

Wellicht brengt de nieuwe trans-Siberische oliepijpleiding verlichting, droomde minister Kristenko hardop. Maar die pijpleiding van 4.118 kilometer lengte ligt nog op de tekentafel, zodat de huidige impasse „wellicht niet in twee dagen is opgelost”. En dat is precies wat de EU ook vreest.

    • Coen van Zwol