Beroepsgeheim verhult mogelijke fout

Het Openbaar Ministerie wil de dood van twee patiëntes onderzoeken. Het Erasmus MC weigert hun medische dossiers af te staan. De rechter beslist.

Rotterdam, 10 jan. - Meestal verwijt het Openbaar Ministerie verdachten dat ze iets hebben gestolen. Gisteren werd het Openbaar Ministerie verweten dat het ten onrechte beslag zou hebben gelegd op spullen waar het niets mee te maken heeft. Het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam en het OM stonden voor strafrechter Buchner tegenover elkaar. Het was, zeiden beide partijen, een unieke zaak, dit proefproces waarin de rechter uitsluitsel moet geven over een kwestie die al jaren sleept.

De ‘ten onrechte’ ingenomen spullen zijn: medische dossiers. In dit proefproces gaat het om twee dossiers van twee afzonderlijke zaken, waarin een patiënte overleed na behandeling door een arts uit het Erasmus MC. In beide zaken deed de echtgenoot van de overledene aangifte en stelde het OM een onderzoek in. Om na te gaan of er sprake is van medisch falen tijdens de behandeling in het ziekenhuis, vorderde het OM de medische dossiers van de patiënten bij het ziekenhuis. Het ziekenhuis weigerde. Want, zegt het ziekenhuis, artsen hebben een beroepsgeheim én een verschoningsrecht. En dat laatste betekent dat een arts niet verplicht is aan hem toevertrouwde geheimen met derden te delen, ook niet in een strafrechterlijk onderzoek. En het medisch dossier valt onder het beroepsgeheim.

Het OM heeft de dossiers gevorderd en gekregen, maar ze zitten in verzegelde enveloppen in de kluis tot deze kwestie is opgelost.

Buiten de rechtszaal is goed te merken hoe hoog de ruzie tussen OM en Erasmus MC inmiddels is opgelopen. We hebben nooit problemen met andere ziekenhuizen, zegt een OM-woordvoerder. „Maar het Erasmus doet altijd moeilijk over dossiers.” Dit is een principiële kwestie, vindt advocaat Van Eijck van het Erasmus MC. Het beroepsgeheim is niet alleen ter bescherming van de individuele patiënt, maar ook van groter algemeen belang. Iedereen moet zich vrij voelen om alles tegen een arts te zeggen, zonder dat het consequenties heeft. En, vindt het ziekenhuis, als er ‘om de haverklap’ dossiers aan het OM worden gegeven, durft straks geen mens de dokter nog in vertrouwen te nemen.

Het OM is niet de aangewezen instantie om onderzoek te doen naar mogelijke medische fouten, zegt advocaat Van Eijck. De Inspectie voor de gezondheidszorg is de enige die dat hoort te doen. Daar werken ook artsen, die hebben ook een beroepsgeheim. En als die vermoeden dat er een strafbaar feit is gepleegd, dán kan de zaak én het dossier naar het OM. Het OM is het daar niet mee eens. Zij zeggen: de inspectie doet ander onderzoek dan wij. De inspectie kijkt of fouten vermijdbaar waren. Zijn er omstandigheden in het ziekenhuis waarom de arts zijn werk niet naar behoren deed? Het OM kijkt of fouten verwijtbaar zijn. Is de fout zo ernstig dat er sprake is van dood door schuld en moet de arts gestraft worden (maximaal twee jaar cel). De onderzoeken moeten niet na elkaar, maar naast elkaar gedaan worden, zegt het OM.

Dit zijn, in het kort, de twee zaken. Zaak 1. De patiënte lijdt aan een ernstige erfelijke spierziekte. Veertien dagen voor haar dood, op 11 juli 2005, krijgt ze in het Erasmus MC een pacemaker. Tijdens de operatie krijgt ze een klaplong. Op 11 juli voelt ze zich slecht, gaat naar het ziekenhuis waar verschillende onderzoeken worden gedaan en ze weer naar huis gestuurd wordt. Eenmaal thuis, is ze zo ziek, dat haar partner de ambulance belt. Op weg naar het ziekenhuis overlijdt ze.

Het OM zegt: met zó’n korte tijd tussen behandeling in het ziekenhuis en het overlijden is het redelijk om te vermoeden dat er een fout is gemaakt; een verkeerde diagnose of behandeling. Officier van Justitie Van Eykelen heeft in de vijf jaar dat ze nu medisch officier is ondervonden, zegt ze, hoe gevoelig het beroepsgeheim van artsen ligt. Juist daarom vroeg ze een patholoog van het Nederlands Forensisch Instituut het lichaam te onderzoeken. Die heeft namelijk ook een beroepsgeheim. De patholoog twijfelde en vroeg naar het medisch dossier. Wat het ziekenhuis dus weigert. Zelfs de naam van de behandelend arts blijft geheim. De patiënt heeft geen toestemming gegeven voor vrijgave van het dossier, zegt het ziekenhuis. Dat kan ook niet meer, nu ze is overleden. De partner van de patiënt heeft wél toestemming gegeven, zegt het OM. Bovendien: „In een gesprek met de arts wordt nooit gevraagd: vindt u het goed dat er onderzoek gedaan wordt als ik een strafbaar feit tegen u pleeg.” Maar natuurlijk, zegt officier Van Eykelen, is onderzoek in het belang van de overledene. Het beroepsgeheim is er niet, zegt zij, om de hulpverlener te beschermen, maar de patiënt. In dit geval gaat de waarheidsvinding boven het medisch beroepsgeheim en boven het verschoningsrecht, vindt het OM. „Het heeft er alle schijn van dat het ziekenhuis probeert onderzoek naar de doodsoorzaak te frustreren.”

In zaak 2 gaat het om een vrouw wier baarmoeder werd verwijderd. Ze blijft klachten houden, maar de artsen gaan ervan uit dat dat psychische problemen zijn. Er blijkt een verkleving te zijn ontstaan in haar darmen. Een gynaecoloog opereert haar. Tijdens de operatie ontstaat er, zo bleek achteraf, een perforatie in de darmen. Uitwerpselen komen in de buikholte terecht. Ze overlijdt aan buikvliesontsteking.

Het ziekenhuis waarschuwt, dat is verplicht, de Inspectie voor de gezondheidszorg. Die doet onderzoek, maar constateert geen strafbare feiten. Dat meldt de inspectie aan het OM, en het OM aan de echtgenoot van patiënte. De zaak wordt geseponeerd: er komt geen strafvervolging. De echtgenoot neemt er geen genoegen mee en begint een beklagprocedure bij het hof in Den Haag om zo af te dwingen dat het OM alsnog onderzoek doet. Het gerechtshof heeft net een tussenbeslissing genomen: we kunnen geen onderzoek doen zonder medisch dossier. Zo is de kwestie weer terug bij af.

De rechter zal op 13 februari uitspraak doen. Het OM en het ziekenhuis hebben al te kennen gegeven tot de hoogste rechter door te gaan. De Hoge Raad is al op de hoogte gebracht.

    • Rinskje Koelewijn