Amerika is terug, met een missie

De VS strijden in ‘falende staat’ Somalië tegen terreur.

Na hun vernederende aftocht 13 jaar terug zoeken de VS nu wél steun van de regering voor hun acties.

De Verenigde Staten zijn weer openlijk en met militaire middelen terug in Somalië. Maar deze keer – 13 jaar nadat ze afdropen na de dood van 18 Amerikaanse militairen in de hoofdstad Mogadishu – in het kader van hun nieuwe missie: de oorlog tegen terreur.

De luchtaanvallen die een Amerikaanse AC-130 maandag, en gevechtshelikopters gisteren uitvoerden tegen islamitische strijders in het zuiden van Somalië passen binnen het Amerikaanse beleid om terreurcellen uit te schakelen. Het besef dat een falende staat als Somalië snel een broedplaats voor terroristische organisaties kan worden, is een bepalende factor in de Amerikaanse politiek sinds Al-Qaeda vanuit Afghanistan de aanvallen van ‘9/11’ beraamde.

Met tevredenheid (en op zijn minst diplomatieke steun) heeft Washington toegezien hoe het leger van Ethiopië eind december de fundamentalistische Unie van Islamitische Rechtbanken (ICU), die het grootste deel van zuidelijk Somalië beheerste, verdreef en op de vlucht joeg.

Maar voor Washington was de overwinning van bondgenoot Ethiopië en de zwakke Somalische interim-regering niet genoeg. Sinds 1991 heeft Somalië geen functionerende centrale regering. Het land is een falende staat. De terugkeer van de president van de zwakke interim-regering in Mogadishu brengt daar voorlopig geen verandering in.

De Amerikanen hebben daarom nu twee prioriteiten in Somalië: op diplomatieke wijze het land stabiliseren en met militaire middelen groepen verbonden aan Al-Qaeda uitschakelen. Steeds heeft Washington gezegd dat Al-Qaeda-cellen gastvrijheid genoten van de ICU.

Dergelijke groepen moesten niet alleen verdreven, maar ook vernietigd worden om te voorkomen dat ze hun werk elders kunnen voortzetten. Een luchtaanval was daarom voor de VS een logische stap. Het is het soort actie waartoe de Amerikaanse regering al lang zegt het recht te hebben. Vorig jaar januari voerde een onbemand vliegtuigje boven Pakistan een luchtaanval uit op een huis waarvan men (abusievelijk) meende dat er een hoge Al-Qaeda-figuur verbleef.

Amerikaanse verkenningsvliegtuigen hebben de afgelopen weken volgens The New York Times informatie over het oorlogsgebied doorgegeven aan de optrekkende Ethiopische troepen. Mogelijk deden ze ook het voorwerk voor de aanval met de AC-130.

Ethiopië is voor de Amerikanen een belangrijke partner in de regio geworden. Het Ethiopische leger, met naar schatting 200.000 man een van de sterkste legers van Afrika, werd van het einde van WOII tot 1977 van wapens voorzien door Washington. Toen wisselde Addis Abeba de VS in voor de Sovjet-Unie en ontving het legermaterieel uit Moskou. Met dat een tikkeltje verouderde Russische materiaal is Ethiopië nu zijn buurland binnengetrokken. Maar geholpen met Amerikaanse militaire kennis.

Op de website van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken staat dat „met de hulp van de Verenigde Staten” de Ethiopische krijgsmacht van een guerrillaleger is getransformeerd tot een professionele militaire organisatie. In het trainingskamp Hurso krijgen Ethiopische soldaten allerlei soorten militaire training, sinds 2003 – het jaar dat de VS Ethiopië als bondgenoot aanwezen in hun ‘oorlog tegen terreur’.

De Ethiopische premier Meles Zenawi zegt dat hij zijn leger wil terughalen uit Somalië. De vraag is wat daarna gebeurt. De snelle terugkeer van de corrupte krijgsheren toont aan dat het land snel kan terugglijden naar anarchie.

Jendayi Frazer, de Amerikaanse onderminister voor Afrikaanse Zaken, werkt intussen aan de diplomatieke kant van het Amerikaanse beleid. Ze was afgelopen week op reis in de Hoorn van Afrika. Haar doel was om de Somalische regering te stutten met een Afrikaanse troepenmacht en Amerikaanse humanitaire hulp. Op die manier zou Somalië eindelijk enige stabiliteit moeten krijgen.

De rampzalige poging in 1993 van Amerikaanse troepen om een Somalische krijgsheer onder controle te krijgen is een traumatische herinnering. De invasie eindigde ermee dat Somalische milities twee Amerikaanse Black Hawk-helikopters neerhaalden en 18 soldaten doodden. De beelden van een dode Amerikaanse soldaat die door de straten wordt gesleept gingen de wereld over. Het drama is verfilmd in Black Hawk Down.

De blunder van toen wilden de VS niet nog eens maken. Nu ondersteunt Washington de Somalische regering in haar poging een brede achterban en aanzien onder de clans te verwerven. Aan het slot van haar rondreis zei Frazer dat ook de islamitische leiders een rol moeten spelen in „deze dialoog, in deze verzoening”.