Wil tot revanche door testosteron

Verliezers die na een wedstrijd een hoger testosteron-gehalte hebben dan daarvoor, gaan veel sneller opnieuw de strijd aan dan verliezers die een lager testosterongehalte hebben. Voor de winnaars heeft verandering van het testosterongehalte geen effect op de beslissing om een nieuwe wedstrijd aan te gaan. Dit blijkt uit onderzoek onder 50 jonge mannen die tegen elkaar een wedstrijdje moesten doen in het oplossen van getallenpuzzels. Het onderzoek van twee Texaanse psychologen is gepubliceerd in het decembernummer van het wetenschappelijke tijdschrift Hormones and Behavior.

De competitie tussen de mannen was vervalst, om beter de wisselwerking tussen testosteron en gedrag te kunnen meten. Zonder dat de proefpersonen het wisten, kreeg de een makkelijker opgaven dan de ander. Al langer was vermoed dat een verhoogd testosteronniveau samenhangt met een beslissing om revanche te nemen, maar dit is – ook enigszins tot verrassing van de onderzoekers zelf – pas nu voor het eerst in de praktijk vastgesteld. Overigens blijft de vraag of het verhoogde hormoon niveau de beslissing beïnvloedt of dat het juist de bereidheid tot revanche is die het testosteronniveau doet stijgen. Toen na het wedstrijdje het testosteron opnieuw gemeten werd, wisten de proefpersonen nog niet dat hun gevraagd zou worden of ze nog een keer wilden spelen, dus het gaat sowieso om een meer onbewuste bereidheid.

Het onderzoek past in een reeks van onderzoeken waarin is vastgesteld dat verandering van testosteronniveau bij mannen op een complexe manier samenhangt met dominantie- en statusgedrag. (Bij vrouwen wordt die samenhang nog nauwelijks onderzocht.) Agressief gedrag, dat vaak verbonden wordt met het effect van testosteron, is maar één vorm van dominantiegedrag. Omdat dominantiegedrag ook bepaald wordt door andere factoren, zoals persoonlijkheidsverschillen, is het moeilijk het precieze effect van testosteron vast te stellen.

In het nu gepubliceerde onderzoek werden ook de emotionele toestand na afloop en veranderingen in het stresshormoon cortisol gemeten. Beide bleken op zich geen effect te hebben op de beslissing om opnieuw de strijd aan te gaan. Wel was er een samenhang tussen een hoog cortisolgehalte vooraf en een verhoogd testosterongehalte achteraf, maar over de samenhang tussen deze twee hormonen is nog weinig bekend.