NMa wil protectie klokkenluiders

Wie kartelafspraken meldt bij de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) moet beter beschermd worden. Op dit moment is hun anonimiteit niet gegarandeerd, waardoor het voor hen weinig aantrekkelijk is ongeoorloofde afspraken te melden. Dat zei NMa-directeur Pieter Kalbfleisch vanmorgen.

Het uit eigen beweging melden van kartelvorming is voor de NMa een van de belangrijkste manieren om die op het spoor te komen, aldus Kalbfleisch. Zo is het onderzoek naar de bouwfraude op gang gebracht door klokkenluider Ad Bos. Dat leidde de afgelopen twee jaar tot boetes van de NMa voor meer dan 1.200 bouwers. „Het is nu aan de wetgever om te zorgen voor een betere bescherming van klokkenluiders.”

Door het werk dat de bouwfraude met zich meebracht, heeft de NMa afgelopen jaar minder tijd kunnen besteden aan andere sectoren, zegt Kalbfleisch. In 2007 besteedt de NMa extra aandacht aan de sectoren energie en vervoer, media en communicatie, de financiële sector en de zorg. Vooral de financiële sector krijgt aandacht, omdat hier „weinig spelers de markt domineren en er hoge drempels zijn voor nieuwe toetreders”.

Kalbfleisch noemt het „kletskoek” dat de omvang van het mededingingstoezicht uit de hand loopt. Verschillende Kamerleden hebben hierover hun zorg geuit. Zo karakteriseerde Kamerlid De Nerée tot Babberich (CDA) de snelgroeiende toezichthouder als ‘zelfrijzend bakmeel’. „De NMa is in het begin van haar bestaan snel gegroeid, omdat we er veel taken bij hebben gekregen, zoals het toezicht op de elektriciteitssector en het openbaar vervoer. De laatste jaren ligt de jaarlijkse groei van ons budget rond de 3 à 4 procent. Niets bijzonders dus.”

De NMa-voorzitter maakt zich zorgen over de tendens „om de goede effecten van marktwerking lichtvoetig terzijde te schuiven”. Meer marktwerking komt de welvaart ten goede, en de NMa draagt daar aan bij, vindt Kalbfleisch. De bijdrage van de NMa aan de Nederlandse economie was vorig jaar 800 miljoen euro, berekende de toezichthouder zelf. Dat is iets hoger dan de bijdrage in 2005.

Kalbfleisch: pagina 13