Roosen wil vrede stichten met ‘Is Man’

Derwisjdanser Achmad Pattisahusiwa verbeeldt de genade in ‘Is Man’, een voorstelling over eerwraak. Verteller Youssef Sjoerd Idilbi en muzikant Brader Musiki kijken toe. Foto Ben van Duin IS.MAN tekst en regie Adelheid Roosen Duin, Ben van

Theater: IS.MAN door Bos Theaterproducties. Tekst en regie: Adelheid Roosen. Gezien: 6/1 Theater Frascati, Amsterdam. Tournee t/m 11/4. Inl 020-4211221 & www.bostheaterproducties.nl

„Ik wil me uitleggen”, zegt de man in gebrekkig Nederlands, „ik heb gedood.” Ja, de hoofdpersoon van IS.MAN is een moordenaar en een allochtoon. Eerwraak heeft hem ertoe gebracht zijn vrouw en dochter uit de weg te ruimen.

Na haar voorstelling De Gesluierde Monologen, waarin zij de in Nederland wonende islamitische vrouw een stem gaf, wilde cabaretière Adelheid Roosen meer weten over de in Nederland wonende islamitische man. Ze stapte op de eigenaar van haar Turkse wassalon af en speelde al gauw met een heleboel mannen triktrak terwijl zij hen bevroeg. Schoorvoetend kwam ze bij het onderwerp eerwraak. Roosen drong door tot gevangenissen, waar zij met daders sprak, met hun familieleden, met politie en justitie. Van al die gevangenisinterviews maakte ze één theatrale vertelling, de geschiedenis van een dader, vertolkt door zijn zoon. En daar beginnen de problemen, voor de luisteraar. Want als acteur Youssef Sjoerd Idilbi ‘ik’ zegt is het lang niet altijd duidelijk of hij daarmee de zoon bedoelt of juist de vader. Dus blijft het vaag wat het aandeel van de zoon aan de eerwraak was. Een gemiste kans: als Roosen het loyaliteitsconflict van die zoon sterker had aangezet hadden we meer begrip voor hem kunnen opbrengen. Nu moeten we het stellen met een verteller die schippert en een acteur die niet weet waar hij staat.

Idilbi, een Palestijnse Fries, probeert indruk te maken door opgewonden heen en weer te springen en energiek te schreeuwen. Maar het lukt hem niet om contact met het publiek te leggen. In een pijnlijke scène vraagt hij ons waarom wij wel naar Griekse tragedies, die immers ook over eerwraak gaan, willen luisteren, en niet naar vergelijkbare verhalen van migranten. Behalve de beschuldigende toon irriteert er nog iets aan die opmerking: de vergelijking klopt niet want eerwraak in de Griekse tragedies was geen exclusieve zaak van mannen tegen vrouwen.

Omdat Roosen vrede tussen wel en niet-moslims wil stichten zwakt zij de vrouwenhaat in haar vertelling af. Alleen een wazig filmpje van een neervallend meisje beeldt de vrouwelijke slachtoffers uit. Goed, soms doet het je toch wel wat, het verhaal over de liquidatie van het meisje Groenoog enkel en alleen omdat dat meisje uit een verkrachting voortkwam.

Maar meer dan medelijden wekt IS.MAN verontwaardiging. Verontwaardiging over de hardvochtigheid van patriarchen die de eer van hun stam belangrijker vinden dan het leven van hun naasten. Verontwaardiging over hun verachting voor de Nederlandse wet. Voor Nederland in het algemeen –-tijdens de hele voorstelling zit de ‘vader’ (gespeeld door de oudere welzijnswerker Yasar Üstuner) symbolisch met zijn rug naar het publiek. Dat kan toch niet de bedoeling van Roosen zijn geweest: verontwaardiging wekken? Een derwish wervelt door het beeld: hij danst de genade. Maar ik dacht alleen: wat doet die soefi nou in deze voorstelling? De enige op het podium die een warm applaus verdient is Brader Musiki, de melancholieke zanger.

    • Anneriek de Jong