Regering Somalië bereid tot dialoog

De regering van Somalië is bereid om gematigde vertegenwoordigers van de recentelijk verdreven Unie van Islamitische Rechtbanken (ICU) in haar midden op te nemen, op voorwaarde dat deze het geweld afzweren en meehelpen aan de wederopbouw van het land.

Dat heeft een regeringswoordvoerder vandaag verklaard, na een weekend waarin het tot gevechten kwam tussen Somaliërs die met de ICU sympathiseren en het Ethiopische leger, dat de Somalische interim-regering terug in het zadel heeft geholpen.

De ICU had vanmiddag nog niet op het voorstel gereageerd. De streng islamitische beweging heeft eerder gedreigd met een opstand tegen de regering.

Volgens regeringsbronnen is de Somalische president Abdullahi Yusuf vanochtend gearriveerd in de hoofdstad Mogadishu. Zijn komst vormt een teken van het herstel van het gezag van de in 2004 geïnstalleerde overgangsregering die eind vorig jaar te hulp is geschoten door het leger van Ethiopië. De ICU had sinds juni in Mogadishu en andere delen van het land de macht overgenomen.

Bij gewelddadigheden tussen het Ethiopische leger en inwoners van Mogadishu kwamen zaterdag ten minste twee personen om. De inwoners van de hoofdstad demonstreerden tegen de Ethiopische aanwezigheid en de eis van Yusuf om hun wapens in te leveren. De regering heeft de ontwapeningseis daarop laten varen. Gisteren overleed zeker een persoon bij gevechten tussen het Ethiopische leger en inwoners van de stad Belet Weyne.

De handreiking van de Somalische regering valt samen met inspanningen van de Verenigde Staten en de EU om het gezag in Somalië te herstellen. De Amerikaanse gezant voor Afrika, Jendayi Frazer, heeft buurlanden van Somalië gepolst over hun bereidheid militairen te leveren voor een vredesmacht van de Afrikaanse Unie.

De EU heeft financiële steun in het vooruitzicht gesteld, op voorwaarde dat de regering besprekingen voert met haar tegenstanders.

Het regeringsvoorstel geldt niet strijders van Al-Qaeda. De VS hebben Somalië herhaaldelijk bestempeld als front in de oorlog tegen het terrorisme. (AFP, AP, Reuters)