Wim Kok verdient meer dan arrogantie en minachting 1

Ik had gehoopt in het artikel `Commissaris Kok is niet gaan golfen`, iets over Wim Kok te weten te komen, maar het toont vooral een arrogante en neerbuigende toon van de ondervraagde commissarissen (NRC Handelsblad, 30 december). Enkele citaten:

”Ze (de commissarissen) vergeven hem dat hij zo lang politicus is gebleven[...] Als hij na Nijenrode niet bij de vakbond was gaan werken, maar bij een bedrijf, dan had hij net zo`n carrière kunnen hebben als zij.” Moeten wij als lezers concluderen dat wij medelijden met Wim Kok moeten hebben over de carrière die hij heeft gekozen?

De commissarissen vinden het knap van Kok dat hij de ”vele pakken cijfers van ING, die in het Koreaans lijken te zijn geschreven”, is gaan begrijpen. Hieruit spreekt mijns inziens minachting voor het niveau van een voormalig minister van Financiën en minister-president. Zou hij in die functie nooit met pakken cijfers zijn geconfronteerd? ”Nee, dan Hans Wijers, die was zo verstandig om maar vier jaar in de politiek te blijven.” De norm die hier wordt gesteld, is dat een ministersfunctie alleen van waarde is, wanneer deze als springplank dient voor een bestuursfunctie of commissariaat in het bedrijfsleven. De conclusie kan niet anders zijn dan dat een ministersfunctie minder waard is dan de genoemde functies in het bedrijfsleven. Terloops worden Tweede Kamerleden non-valeurs genoemd.

Opvallend is overigens wel het volgende, vooral het laatste deel van de zin: ”Ze vinden Wim Kok [...] de ideale commissaris, een van de weinigen in Nederland die echt goed zijn”. Het enige stuk dat getuigt van zelfinzicht. Of worden daar anderen mee bedoeld dan de ondervraagde commissarissen?

Ik had Wim Kok meer (eer) gegund dan dit misbruik van zijn naam voor het schaamteloos neerzetten van een neerbuigend wereldbeeld.

    • Drs. Henriëtte van de Pol