Moeder aller kuuroorden

Het kuuroord van Spa is drie jaar geleden gerenoveerd maar doet nog steeds ouderwets aan. Door al het bruisende bronwater hechten miljoenen kleine luchtbellen aan je buik.

De wachtende dames om mij heen, een enkele heer ook, worden één voor één opgehaald door mooi opgemaakte vrouwen. Die doen hier in Spa de ‘verzorgingen’, de soins: gezichtsbehandelingen, massages, pedicures. Maar de naam op mijn afsprakenpapiertje blijkt te horen bij een man. Een lange, tanige man. Hij draagt een enorm slagersschort, dat overdekt is met roodbruine vlekken; hij leidt mij een kamertje in en doet de deur achter me dicht.

Binnen blijkt de muur, oorspronkelijk wit betegeld, ook vies roodbruin – vooral in de buurt van de tafel waarop de ‘Massage Douche Spa’ die ik heb afgesproken, waarschijnlijk gaat plaatsvinden. De lange tanige man heeft het liefst, zegt hij, dat ik slechts gekleed in mijn bikinibroekje op de tafel ga liggen.

Nu kan hij wel zoveel willen. Maar hij is ruim een kop groter dan ik en bovendien heb ik al betaald voor de ‘Massage Douche Spa’ – dat is een ontspannende massage, zo is me beloofd, door een kinesitherapeut onder stromend koolzuurhoudend mineraalwater, die tot een ‘gevoel van welbehagen en ontspanning in het algemeen’ moet leiden, alsmede tot ‘verbetering van de bloedsomloop’. Verbeterde aderlaten ook niet de bloedsomloop? Betekent het woord kinesitherapeut wel wat ik denk dat het betekent, had ik het niet eerst grondig op eventuele bijbetekenissen moeten googelen?

Maar de thermen van Spa zijn geen plek om naartoe te gaan vanuit de bewoonde westerse wereld met internettoegang. In de bewoonde westerse wereld bestaan genoeg luxueuzere kuuroorden – de thermen van Spa zijn drie jaar geleden helemaal gerenoveerd, maar doen nog steeds ouderwets aan, alsof de jaren zeventig nog niet voorbij zijn. De thermen van Spa zijn een plek om naartoe te gaan na een paar weken kamperen in Frankrijk, als je niet meer precies weet hoe de moderne westerse wereld eruitziet. Dan voelt Spa (ongeveer 11.000 inwoners) nog als een stad, dan voelt een bezoek aan een kuuroord als een overgangsritueel terug het echte leven in, en dan kun je thuis trots vertellen dat je in een spa in Spa bent geweest.

De moeder van alle kuuroorden. In elk geval in naam. Asterixachtig afscheidsgesprek met op vakantie ontmoete Britten: „Wij gaan hierna naar Spa.” „Naar welke spa?” „Nee, naar het plaatsje Spa.” „Wat gaan jullie daar dan doen?” „Naar een spa.” Ik had de ‘Massage Douche Spa’ ook geboekt omdat het me de moeder van alle ‘verzorgingen’ leek, de prototypische spa-behandeling.

Maar de dag was begonnen met een Niagarabad, waarvan ik ook niet wist wat het was. Het bleek een witte plastic badkuip vol bronwater te zijn, die aan de zijkanten vol zat met het soort prettige bruisdingen dat je, als je geluk hebt, ook weleens in de zijmuur van een zwembad treft. Toen ik er eenmaal in lag, met uitzicht op het bos, gingen de bruisers gebiedje voor gebiedje aan: eerst die bij de onderbenen, dan bij de bovenbenen, vervolgens die bij de onderrug en tot slot de nek en schouders; en daarna begon het weer van onderaf aan, twintig minuten lang. In die tijd bliepte er voortdurend een subtiel rood-geel-groen-blauw lichtjespatroon aan en uit in de zijkant van het bad, wat enigszins afleidde van het in theorie rustgevende bomenuitzicht. Het was alsof ik in een kermisattractiewagentje lag. Bovendien maakte het bruisende water een enorm lawaai – heel Niagara.

Maar het hoogtepunt van deze behandeling was dit: door al dat bruisende bronwater bleken zich miljoenen kleine luchtbelletjes aan mijn buik te hechten en (als ik twintig minuten stil moet liggen ga ik me onbehoorlijk vervelen) daarin bleek je te kunnen schrijven en dat bleef dan de hele resterende bruistijd zichtbaar, zelfs na het uitstappen nog eventjes! Op je buik schrijven – een van de meest prototypische dingen die ik ooit gedaan heb.

Het Thalaxionbad was hierna een teleurstelling. Dat bleek ook zo’n soort kermiskarbruisbad te zijn, maar dan eentje dat zo bruiste dat het van bovenaf afgedekt moest worden, zodat ik in een cocon lag waar alleen mijn hoofd uitkwam, denkend aan betere tijden terwijl mijn lichaam ontspannen water werd. Twintig minuten volledige scheiding van lichaam en geest.

En tot slot dus de ‘Massage Douche Spa’. Ik lag inmiddels op de tafel met uitzicht op de bruinrode vlekken. De lange tanige man trok ergens boven mij aan een koperen stang met een groot aantal douchekoppen eraan, en zette de kranen wijd open. Het bronwater stroomde over me heen. „Er zit veel ijzer in”, zei de man met charmant Vlaams accent. „Al die vlekken die je hier ziet, dat is roest. Maar dat ijzer doet niets. Het is het koolzuur in het water dat het helende effect heeft.” Daarna begon hij me te wassen. Dat was al.