Miljardairs gaan eigen bankje spelen

Wie rijk is, wil rijk blijven. Het beste middel om je financiële zaken te regelen is een family office, een eigen, besloten vermogensbeheermaatschappij. Steeds meer rijke Nederlanders huren een privé-bankier in.

‘Family office’ Boron van reisondernemer John Fentener van Vlissingen in Zeist. Er werken zeven mensen, onder wie een bankier en een kunsthistoricus. Foto Walter Herfst Zeist oktober 2006 Hoofdkantoor van Boron, het family office van miljardair John Fentener van Vlissingen. Foto: Walter Herfst Herfst, Walter

Het is de angst van elke rijke familievader: hoe voorkom ik dat mijn kinderen of kleinkinderen het door mij zo zuur verdiende geld over de balk smijten? De tegelwijsheid van het kapitalisme zegt immers: eerste generatie bouwt het vermogen op, de tweede breidt het uit en de derde gooit het te grabbel.

Op die nachtmerrie hebben veel welvarende families wat gevonden: het oprichten van een eigen beleggingsmaatschappij die waakt over het vermogen. Steeds vaker huren rijke Nederlanders eigen bankiers, fiscalisten en andere financieel adviseurs in om het zorgvuldig opgebouwde kapitaal behouden door te geven aan de volgende generatie. Dát zien rijke families als hun voornaamste taak op aarde. „Men wil voorkomen dat het verwende achterneefje met zijn aandeel de ene Ferrari na de andere koopt, waardoor het geld verdampt”, zegt een vermogensbeheerder van een internationale bank die in Nederland actief is onder de superijken. Omwille van hun privacy wil hij niet met zijn naam in de krant.

Natuurlijk, commerciële banken staan in de rij om het geld te beheren voor gevulde clientèle, maar niet alle rijken zijn gelukkig met een professionele, externe vermogensbeheerder. Te vaak wisselende teams, te ongeïnteresseerd, te onpersoonlijk en te veel gedwongen winkelnering – veel banken hebben er een handje van hun klanten vooral eigen beleggingsproducten aan te smeren. Om de controle over hun eigen geld te behouden is de oplossing voor superrijken eenvoudig: die halen hun eigen vermogensbeheerder in huis.

In de Angelsaksische wereld bestaat dit fenomeen al lang. De Amerikaanse oliebaron John D. Rockefeller stelde aan het eind van de negentiende eeuw zijn eigen huisbankier aan. Dat werden er twee, en drie, en meer. Inmiddels werken er voor het Rockefeller Family Office zo’n tweehonderd mensen, die hun (financiële) diensten ook aan andere rijke families aanbieden.

De laatste jaren is het family office ook bij de Nederlandse financiële elite in opmars. Winkelier Jaap Blokker heeft er een, zijn branchegenoot Jan Zeeman, de twee televisiemiljardairs John de Mol en Joop van den Ende, en ook aannemer Dik Wessels. Ook onder ‘oud geld’ is een eigen financiële staf in zwang: de families Fentener van Vlissingen (oprichters van SHV) en Van Doorne (Daf) beschikken over een eigen family office. Marc Dreesmann, telg uit het V&D-geslacht, begon eind jaren negentig op eigen houtje de besloten beheersmaatschappij Commonwealth Investments, die niet alleen voor zijn eigen familie werkt. Met zeven andere specialisten beheert de voormalig MeesPierson-bankier ook het vermogen van enkele andere rijke Nederlanders, onder wie O’Neill-importeur Theo Dietz, kunsthandelaar Rob Noortman, en Hank Heijn – weduwe van Ahold-bestuurder Gerrit-Jan Heijn.

De Nederlandse vermogensbeheerder Ronald Holtkamp van de Zwitserse bank Sarasin schat dat er in Nederland „tussen de dertig en de veertig” family offices bestaan. „En het worden er steeds meer.”

De meeste daarvan hebben de verschijningsvorm van een investeringsmaatschappij, die voor het publiek zichtbaar wordt zodra die een aandelenbelang in een beursfonds aanschaft van meer dan 5 procent – dat is de grens waarvoor een meldingsplicht bij toezichthouder AFM geldt. Bekende namen van family offices die in het meldingsregister opduiken: Mercurius Beleggingsmaatschappij van de Limburgse vastgoedhandelaar Henk Stienstra of Reggeborgh Invest van de Twentse bouwer Dik Wessels.

In veel gevallen treedt de boekhouder van het oorspronkelijke al dan niet verkochte familiebedrijf in dienst van het beleggingsvehikel van de baas, maar steeds vaker stappen ook financieel specialisten over van banken naar family offices. Zo nam textielwinkelier Jan Zeeman voor zijn, wat hij noemt ‘private equity house’ Navitas in 2005 Cees Janssen over van accountantsbureau BDO. De Rotterdamse vastgoedondernemer Aat van Herk heeft drie voormalige bankiers van Kempen & Co in dienst om zijn uitgebreide aandelenportefeuille te beheren. En Jaap Blokker trok in september 2005 ook al een vermogensbeheerder van Kempen aan.

Volgens het Amerikaanse adviesbureau voor rijke families Greycourt is een family office interessant voor families die een „significante liquiditeitsgebeurtenis” hebben meegemaakt. Families, kortom, die in korte tijd gruwelijk veel geld hebben verdiend. In de VS ligt volgens Greycourt de ondergrens op 50 miljoen dollar (ruim 38 miljoen euro) aan vrij belegd vermogen voor een rendabel huis-tuin-en-keuken family office. Dat wil zeggen een eigen kantoor die de gewone financiële diensten van boekhouden en beleggen verricht. Naarmate het vermogen groter is, wordt ook het aantal diensten uitgebreid; naast vermogensbeheer ook juridisch en fiscaal advies, vooral waar het gaat om overdracht van aandelen aan erfgenamen. Daarnaast leggen veel exclusieve family offices zich toe op andere, meer praktische hand- en spandiensten voor rijkelui: reisboekingen, het onderhoud van wagenpark, zeiljacht en privévliegtuig, organisatie van de huishouding, het beheer van het vakantiehuis. Ook leggen family offices zich toe op advies op het gebied van de onderwijskeuze voor de kinderen, liefdadigheid en het beheer van kunstcollectie.

Voor Nederland schatten vermogensbeheerders het minimale vermogen op 200 miljoen euro om een family office rendabel te maken. Maar vooral aantrekkelijk. „Boven die grens wordt geld echt een probleem”, zegt een van hen. Veel geld geeft immers zorgen en gedoe.

„Een omvangrijk vermogen brengt veel werk met zich mee”, beaamt Mario Bruna, woordvoerder van miljardair John Fentener van Vlissingen. Die laat zijn geld beheren via zijn eigen vehikel Boron Management BV. Bruna legt uit waarom de mede-eigenaar van familieconcern SHV en oprichter van reisbedrijf BCD, tot de oprichting van een family office overging. „Op een gegeven moment is het interessant om het beheer in eigen hand te nemen, om redenen van efficiency, overzicht en kosten.” In de zomer van vorig jaar werd Boron nog professioneler, met de aanstelling van Paul van den Biesen als nieuwe directeur. Hij is een ervaren vermogensbeheerder die bij veel banken heeft gewerkt, laatstelijk bij Nachenius Tjeenk. Daarnaast werken er nog zes mensen bij Boron, onder wie een kunsthistoricus die de verzameling schilderijen en oude tekeningen van Van Vlissingen beheert.

Volgens Bruna houdt Boron zich vooral bezig met financiële zaken: beleggingen in aandelen en in vastgoed, zowel voor Van Vlissingen als voor zijn familieleden – hij heeft drie kinderen. Ook beheert het bedrijf het belang dat Van Vlissingen in SHV houdt, het familieconcern dat in 1896 door zijn overgrootvader werd opgericht.

Met afstand het grootste family office in Nederland is Anthos. Dat is de verzamelnaam van alle financiële diensten voor de familie Brenninkmeijer, volgens zakenblad Quote al tijden de rijkste familie van Nederland. Onder Anthos beschikken de eigenaren van winkelconcern C&A over een eigen vermogensbeheerder, een eigen verzekeringsbedrijf, verscheidene investeringsmaatschappijen en zelfs over een eigen bank.

De Nederlandsche Bank (DNB) verleende Anthos Bank BV in januari 2004 een bankvergunning. Die brengt de verplichting met zich mee dat Anthos elk kwartaal DNB moet rapporteren over de financiële huishouding. Voor de van oudsher gesloten familie Brenninkmeijer moet dat een grote stap zijn geweest. Kennelijk wogen de voordelen van een eigen bank op tegen dit nadeel.

Andere family offices, zónder bankvergunning, staan niet onder toezicht van de centrale bank, en evenmin van die andere financiële toezichthouder AFM. Terwijl zij toch tal van financiële diensten voor hun eigen cliëntèle en/of opdrachtgever verrichten. Een woordvoerder van AFM legt uit dat familiebeleggingsmaatschappijen buiten de Wet toezicht effectenverkeer staan, omdat het instellingen zijn die, in juridische zin, ‘in besloten kring’ opereren. Zij bieden hun financiële diensten aan een beperkte groep personen aan, die bovendien ‘in zekere relatie’ tot het bedrijf staan, bijvoorbeeld familieleden.