Abortuswet wordt niet altijd goed nageleefd

In het artikel: `Twisten over de rechten van het ongeboren kind` (NRC Handelsblad, 30 december) wordt de opmerking gemaakt dat een onafhankelijke commissie de abortuswet onlangs heeft geëvalueerd en heeft geconstateerd dat de wet heel goed werkt. Hieruit blijkt dat men alleen naar de conclusies van het rapport heeft gekeken en niet naar de inhoud. Wanneer men het rapport grondig bestudeert blijkt dat op grond van de in het rapport vermelde cijfers de conclusies van de samenstellers slechts ten dele in overeenstemming zijn met de feiten.

In het evaluatierapport wordt volgens de ondervraagde vrouwen, die een zwangerschapsafbreking wensen, 39 procent binnen 5 dagen behandeld dus binnen de bedenktijd waarbinnen volgens de wet een zwangerschap niet mag worden afgebroken. De hulpverleners daarentegen geven aan dat in slechts 9 procent de wettelijke beraadtermijn niet in acht is genomen. In de conclusies van het rapport wordt alleen de nadruk gelegd op het door de hulpverleners opgegeven percentage. Verder blijkt dat 63 procent van de ondervraagde vrouwen geen moeite heeft met de 5 dagen bedenktijd.

Bij de wettelijk verplichte voorlichting over alternatieve oplossingen wordt een vergelijkbaar beeld gezien. Volgens de ondervraagde vrouwen wordt in de klinieken in 57 procent van de gevallen niet gesproken over alternatieven. Volgens de hulpverleners is dit in 36 procent van de gevallen.

Uit deze gegevens blijkt dat althans op deze punten de Wet afbreking zwangerschap niet goed wordt nageleefd. De commissie heeft echter een andere conclusie getrokken, die inmiddels een eigen leven is gaan leiden en in de media herhaaldelijk klakkeloos wordt overgenomen zonder gedegen kennis van het rapport zelf.