Zaken tegen Graus waren geseponeerd

Justitie heeft in 2003 drie aangiften wegens mishandeling tegen Dion Graus, inmiddels Tweede-Kamerlid voor de Partij voor de Vrijheid (PVV), geseponeerd wegens gebrek aan bewijs. Dat heeft het Openbaar Ministerie vanmorgen meegedeeld.

In juni en augustus 2003 deden de toenmalig echtgenote van Graus en haar vader aangifte wegens mishandeling. Justitie bekeek de afhandeling van deze aangiften afgelopen week opnieuw. Dat gebeurde naar aanleiding van perspublicaties over Dion Graus.

In mei 2003 deed ook een Belgische vriendin aangifte tegen Graus, in dat geval wegens belaging en stalking. Volgens justitie in Antwerpen was er in die zaak geen sprake van onvoldoende bewijs. Dat hij niet vervolgd is, kwam volgens justitie door de grote hoeveelheid zaken die zich op dat moment aandienden.

In opdracht van Geert Wilders, fractievoorzitter van de PVV, werkt Dion Graus inmiddels aan zijn verdediging tegen beschuldigingen die tegen hem zijn geuit. Deze zijn „niet bewezen”, zei Wilders.

Eind vorig jaar verscheen in deze krant een artikel over het verleden van het Kamerlid, omschreven als „een geschiedenis van ruzies, rechtszaken, onbetaalde rekeningen, onjuiste declaraties en beschuldigingen van mishandeling”.