NJO jubileert met filmisch ‘Urlicht’

Concert: Nationaal Jeugd Orkest/Nederlands Concertkoor o.l.v. Mark Wigglesworth m.m.v. Ilse Eerens (sopraan) en Susan Bickley (alt). Mahler, Tweede symfonie. Gehoord: 4/1 MC Vredenburg, Utrecht. Tournee: t/m 12/1. Info: www.njo.nl

Met thema’s als leven, dood, licht en wederopstanding is de Tweede symfonie van Mahler niet de meest voor de hand liggende feestmuziek voor een jubilerend jeugdorkest. Toch viert het Nationaal Jeugd Orkest juist met die symfonie deze week zijn 50-jarig bestaan. Die keuze is typerend voor het orkest, dat jaarlijks een terecht veelgeprezen ‘academy’ organiseert, waar geselecteerde conservatoriumstudenten samenwerken met gewilde dirigenten en componisten. ’s Winters is er een ‘gewone’ concerttournee, waarvan de jubileumeditie volgende week besluit met een feestconcert in Apeldoorn. Daar spelen dan ook oud-NJO’ers, nu veelal werkzaam in professionele orkesten, als klinkend bewijs van het feit dat het orkest een brug slaat tussen conservatorium en beroepspraktijk.

Wie het NJO hoort en ziet, kijkt een beetje in de toekomst. Daarin zal het beroep musicus steeds meer een vrouwenzaak zijn; een all male trombone-, trompet- en slagwerkgroep uitgezonderd, bestaat het orkest nu al voornamelijk uit vrouwen.

In de Tweede van Mahler worden zij nu geleid door de nog jonge maar zeer ervaren Britse dirigent Mark Wigglesworth (42) – in 2008 de nieuwe muziekdirecteur van de Koninklijke Muntopera in Brussel. Dat wordt een gebeurtenis om naar uit te zien, want Wigglesworth is een dirigent die oorspronkelijke ideeën paart aan een scherp ontwikkelde zin voor drama.

Die eigenschappen leidden gisteravond tot een Tweede symfonie waarin schoonheidsfoutjes binnen de instrumentgroepen werden gecompenseerd door indrukwekkende vondsten: het devote koperkoraal en de über-potente galop in de Finale, de klezmer-achtige klarinetsoli, de zwier van de Ländler.

Voor Wigglesworth bezit de Tweede filmische kracht. Sferen worden scherp contrasterend naast elkaar geplaatst, zoals in de opmaat naar het Urlicht – door de voor met stemproblemen kampende Christianne Stotijn invallende Susan Bickley intiem gezongen. En in het slotdeel groeide een zoemend zachte inzet uit tot een door het Nederlands Concertkoor huiveringwekkend gescandeerd Was vergangen [ist muss] auferstehen!