Vraagtekens rond nieuwe baas Poolse centrale bank

De zoektocht naar een nieuwe president voor de Poolse centrale bank duurde lang. Of de nieuwe man de onafhankelijkheid van het instituut kan bewaren, is twijfelachtig.

Hij heeft nog zeven dagen te gaan als president van de Poolse centrale bank (NBP). Maar tot gisteren was er geen opvolger voor de befaamde hervormer Leszek Balcerowicz.

In elk ander land zou zo’n situatie al lang tot paniek hebben geleid. Het is gebruik om de hoofdbankier op tijd te benoemen, zodat financiële markten zich kunnen voorbereiden op mogelijke beleidsveranderingen. Maar in Polen zijn financieel analisten intussen wat anders gewend.

In de afgelopen maanden veranderde de zoektocht naar een kandidaat in een farce, met een erg late en verrassende ontknoping. Gisteravond bleek dat het oog van Polens president Lech Kaczynski is gevallen op Slawomir Skrzypek. „Niet iedereen is een monetair specialist”, zegt Ryszard Petru, analist van de bank BPH. „Maar deze man heeft zelfs geen enkele macro-economische publicatie op zijn naam staan.”

Skrzypek (42) studeerde economie, maar koos voor een carrière bij de overheid en in de politiek. Hij was onderburgemeester van Warschau, toen Lech Kaczynski daar burgemeester was. Daarvoor werkte hij voor het nationale milieufonds en de rekenkamer. Sinds september is hij interim-voorzitter bij de staatsbank PKO, na een bestuurscrisis daar. Petru: „Ik ken deze man als politicus, niet als econoom. Hij is ook erg jong.”

Een verbaasde Balcerowicz noemde de kandidatuur van Skrzypek vanochtend „een fenomeen in Europa”. Balcerowicz, de man die Polen na de val van het communisme met schoktherapie weer op de been kreeg, heeft herhaaldelijk gewaarschuwd dat Kaczynski een loopje wil nemen met de onafhankelijkheid van de NBP. De benoeming van Skrzypek lijkt die vrees te bevestigen.

Ook Petru maakt zich zorgen. „Skrzypek hoort sinds 1993 tot de entourage van Kaczynski. Hij kan een goede president worden als hij goede adviseurs heeft, maar het probleem is dat we niet weten wie dat zullen zijn. Ik zie een boel vraagtekens.” De Poolse munt, de zloty, reageerde vanochtend licht negatief op de aankondiging.

Een eerdere kandidaat, Jan Sulmicki, was onbekend, maar tenminste hoogleraar economie. Zijn boeken vlogen de winkel uit toen Kaczynski zijn naam noemde. Maar nog geen 48 uur later zei Sulmicki dat hij „door familieomstandigheden” afziet van de baan. Een afgang voor Kaczynski, wiens presidentschap al niet als een groot succes wordt beschouwd.

Sulmicki zou in werkelijkheid koudwatervrees hebben gekregen. Want de opvolger van Balcerowicz is niet te benijden. Balcerowicz had genoeg gezag en internationale statuur om politieke druk te weerstaan. Zijn opvolger zal constant moeten bewijzen dat hij geen loopjongen is van Kaczynski en diens tweelingbroer, premier Jaroslaw Kaczynski. En er zijn veel potentiële kandidaten die daarvoor bedanken.

De Kaczynski’s haten Balcerowicz. Volgens hen heeft hij Polen indertijd niet geholpen, maar verkwanseld aan buitenlandse investeerders. President Kaczynski maakte al lang geleden duidelijk dat hij de termijn van Balcerowicz niet zou verlengen. En onder deze regering is tegen Balcerowicz zelfs een parlementair onderzoek ingesteld, wegens het schaden van nationale belangen.

„Primitief populisme”, zei Balcerowicz begin september in een interview met deze krant. „Deze gang van zaken betekent dat elke toekomstige centrale bankier aan politieke vervolging onderworpen kan worden, als hij onwelgevallig staat tegenover wensen van de regerende partijen.”

Balcerowicz kreeg uiteindelijk hulp van het Poolse Hooggerechtshof. Dat bepaalde eind september dat het parlementaire onderzoek in strijd is met de grondwet. Maar inmiddels is een nieuwe poging onderweg om Balcerowicz alsnog in de beklaagdenbank te krijgen.

De nieuwe man, Skrzypek, zei vanochtend in een verklaring dat hij staat „voor een stabiel en geloofwaardig monetair beleid”. Maar hij gaf ook aan dat de strenge inflatiepolitiek van Balcerowicz wat hem betreft geen heilige koe is. Als de economie harder kan groeien door een losser beleid, dan zal Skrzypek dat in overweging nemen. „Als het geen inflatierisico oplevert, zal ik rekening houden met economische groei.”

Balcerowicz gruwt alleen al bij de gedachte, omdat zulk beleid volgens hem symptomatisch is voor de luiheid van Poolse politici, die ‘makkelijke’ economische groei altijd prefereren boven begrotingsdiscipline. De economie groeit op dit moment spectaculair, met meer dan 5 procent per jaar, een groei die hoofdzakelijk wordt aangewakkerd door de export van Poolse producten en arbeid. Maar de regering heeft stilgezeten: de inkomsten uit privatiseringen bedroegen in 2006 11 procent van wat in 2005, door de vorige regering nog, was geraamd.

Desondanks is het begrotingstekort vorig jaar uitkomen op 25 miljard zloty (6,5 miljard euro), 5 miljard minder dan verwacht, zo maakte de regering gisteren trots bekend. Balcerowicz reageerde met typisch gebrom: „Onder de huidige economische omstandigheden zou Polen een begrotingsoverschot moeten hebben.”

    • Stéphane Alonso