Naturalisatiefeest moet, ook voor een 93-jarige

Op 93-jarige leeftijd moet Gerda Bekker-Ten Damme nog op een naturalisatie-ceremonie verschijnen. „Het is allemaal wel heel erg bureaucratisch.”

Geboren in Nederland en negentig jaar woonachtig in Nederland. En toch moest de 93-jarige Gerda Bekker-Ten Damme uit het Groningse Loppersum vanmiddag verplicht op een naturalisatieceremonie verschijnen. Haar zoon, Norbert Bekker, kan er wel om lachen maar zich er ook over opwinden: „Dit is toch te zot voor woorden. Dit zegt veel over hoe wij in dit land met oude mensen omgaan. Regels zijn regels? Laten we eens normaal doen en naar de mensen kijken.”

Een kort persbericht van de gemeente Loppersum bezorgde Norbert Bekker en burgemeester Albert Rodenboog deze week veel werk. Tientallen media belden en diverse cameraploegen zouden vanmiddag naar het Noorden afreizen om de officiële uitreiking van het paspoort bij te wonen.

De bijeenkomst is het gevolg van de regel die het kabinet per 1 september heeft ingevoerd dat gemeenten voor iedereen die tot Nederlander wordt genaturaliseerd een naturalisatieceremonie moeten houden. De nieuwe Nederlanders moeten daarbij aanwezig zijn. Sinds 1 januari is daar de Wet inburgering bijgekomen die het nieuwkomers verplicht een cursus te volgen en een inburgeringsexamen af te leggen. Dat hoeft mevrouw Bekker niet te doen: omdat ze ouder is dan 65 jaar en langer dan vijftien jaar in Nederland is, valt ze onder één van de uitzonderingscategorieën.

Gerda Bekker-Ten Damme is in 1913 in Winterswijk geboren. Ze kreeg de Duitse nationaliteit door haar huwelijk met een Duitser. Slechts drie jaar woonde ze aan de andere kant van de grens. Vorig jaar moest ze zich identificeren bij de Postbank. Haar zoon: „Ze heeft daar nota bene al sinds 1934 een rekening”. De vrouw en haar zoon merkten toen dat haar Duitse paspoort verlopen was. Alleen door zich persoonlijk te vervoegen bij het consulaat in Amsterdam kon ze een nieuw paspoort krijgen. Dat ging de zoon te ver. Die reis konden ze moeder niet aandoen.

Dan maar weer een Nederlands paspoort. Maar ook dat ging zomaar niet: als je Nederlander wilt worden, moet je over een geldig identiteitsbewijs beschikken. Uiteindelijk streek een ambtenaar met zijn hand over het hart: hij was bereid haar op basis van het verlopen Duitse paspoort te naturaliseren. Burgemeester Rodenboog erkent dat zijn gemeente hiermee langs de regels scheert. „Men zegt mij dat het kan. Als wij maar zeker weten dat deze mevrouw deze mevrouw is.”

Aan de ceremonie viel niet te ontkomen. Gemeenten mogen daaraan zelf invulling geven. Albert Rodenboog heeft het nu één keer meegemaakt, in een bijeenkomst samen met Appingedam en Delfzijl. „Die mensen hadden een heel traject doorlopen. Die vonden het echt leuk.” Om mevrouw Bekker een gang naar het gemeentehuis te besparen, zou de bijeenkomst vanmiddag in het huis van haar zoon plaatsvinden. De burgemeester zou bloemen en Groninger Koek meebrengen.

Burgemeester Ruud Bandell van Dordrecht, voorzitter van de commissie integratie van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), vindt het „een beetje bizar”. Het is volgens hem het gevolg van rigide regels van minister Verdonk (VVD), die integratie en tot vorige maand vreemdelingenbeleid in haar portefeuille had. Hij heeft met haar onderhandeld over details in de Wet inburgering. „Je kunt beter tegen een muur praten.” Gemeenten, zegt Bandell, moeten gewoon niet al te rigide met regels omgaan. Hij staat achter de ceremonie en de nieuwe wet. „Het is alleen allemaal wel erg bureaucratisch.”