In vier weken van nobody tot ster

Schansspringer Gregor Schlierenzauer uit Innsbruck is jong, maar vooral extreem goed. Zondag kan hij zijn 17de verjaardag vieren met winst in de Vierschansentournee.

Gregor Schlierenzauer. Foto Reuters Gregor Schlierenzauer from Austria approaches the jumping tower for the first practice for the second jump of the four-hills ski jumping tournament in Garmisch-Partenkirchen, December 31, 2006. REUTERS/Dominic Ebenbichler (GERMANY) REUTERS

Vanuit de anonimiteit vloog eind 2006 plotseling Gregor Schlierenzauer miljoenen huiskamers binnen. Televisiebeelden van het schansspringen in Lillehammer en Obertsdorf toonden een Oostenrijkse winnaar, die bij het grote publiek onbekend was, maar opviel omdat hij erg jong (16) en extreem goed is.

Is de nieuwe Icarus een wonderkind? Bij schansspringen, leert de geschiedenis, is dat een gevaarlijke veronderstelling. Maar in het geval Schlierenzauer spreken kenners de taal van bewondering.

Ernst Vettori, olympisch kampioen en tweevoudig winnaar van de Vierschansentournee, zei in de Oostenrijkse krant Die Presse: „Zoals hij met de wind omgaat, dat is super. Dat kan niet iedereen.”

Kamergenoot Martin Höllwarth (32) in Der Kurier, een andere Oostenrijkse krant: „Ik hoef hem nauwelijks te helpen, zo rijp is hij al. Hij is veel verder dan zijn leeftijd doet vermoeden.”

Of Janne Ahonen, de Fin die de laatste twee Vierschansentournees won, in Die Presse: „Hij springt met een ongelooflijk gevoel.”

En tot slot de Zwitser Andreas Küttel, winnaar van de gestaakte Nieuwjaarswedstrijd in Garmisch-Partenkirchen, in diezelfde krant: „Momenteel heeft hij zijns gelijke niet.”

Wat maakt Schlierenzauer zo goed? Volgens zijn collega-schansspringers is dat zijn gevoel voor vliegen. Hij speelt met de wind, maakt er optimaal gebruik van en verstaat de kunst om tijdens de afsprong extra tempo te maken. En de windrichting maakt hem niet uit; zelfs de onder schansspringers gehate rugwind buit de jonge Oostenrijker uit.

En dat op ski’s die tweeënhalve centimeter korter zijn dan de standaardafmeting. Dat is voorschrift op basis van de body-mass-index, die uit veiligheidsoverwegingen bij het schansspringen wordt gehanteerd. Schlierenzauer is twee kilo te licht om de gangbare ski te mogen gebruiken. Hij heeft daardoor tijdens zijn vluchten iets minder draagvlak dan zijn concurrenten.

Maar Schlierenzauer imponeert vooral door zijn houding. Hij is zelfbewust, onbekommerd, perfectionistisch en rustig. En dat op zestienjarige leeftijd. Hij is wat zijn manager Markus Prock in Die Presse zegt „ein ruhiger Type”. Maar wel een springer die op de schans leeuwenmoed toont en geen schroom kent. Of zoals het Duitse boulevardblad Bild in chocoladeletters kopte: ‘Der Junge gibt Vollgas.’

Schlierenzauer is in een tijdsbestek van vier weken van een nobody uitgegroeid tot een ster. Als dat maar goed gaat? Want in de historie van het schansspringen is het met veel jonge vedettes snel bergafwaarts gegaan.

Neem de Fin Toni Nieminen. Die was in 1992 zelfs nog jonger (16 jaar en 220 dagen, red.) dan Schlierenzauer toen hij vanuit het niets de Vierschansentournee won. Hij won hetzelfde seizoen nog twee gouden medailles tijdens de Winterspelen in Albertville, maar vervolgens is er weinig positiefs meer van Nieminen vernomen. Hij kreeg gewichts- en motivatieproblemen, raakte aan de drank en ging af door de zijdeur.

Nu volgt hij de sport als commentator van een Finse tv-zender en kijkt hij jaloers naar Schlierenzauer. „Hij heeft mensen die hem begeleiden, dat heb ik nooit gekend”, zei Nieminen vol spijt tegen Der Kurier.

Aan de begeleiding zal het inderdaad niet liggen als Schlierenzauer de weg van oud-sterren als Sven Hannawald (anorexia en psychische problemen) of Matti Nykänen (drankverslaving) volgt. Hij komt uit een stabiel gezin dat vertrouwd is met skispringen – zijn vader is penningmeester van de club SV Bergisel-Innsbruck – en hij wordt als manager begeleid door zijn oom Markus Prock, die als rodelaar twee keer zilver en één keer brons op de Olympische Winterspelen won en de valkuilen van de topsport kent.

Verder speelt Toni Innauer, olympisch kampioen en oud-winnaar van de Vierschansentournee, een belangrijke rol als mentor van Schlierenzauer. De huidige directeur nordische sporten van de Oostenrijkse skibond is psycholoog en sportwetenschapper en waakt over het welzijn van de jonge coryfee, met wie hij eveneens een band heeft via zijn zoon Mario, die ook als een talentvolle schansspringer door het leven gaat en de gezworen kameraad van Schlierenzauer is.

De verbazing over de goede prestaties van Schlierenzauer is begrijpelijk, maar geldt meer voor buitenstaanders dan insiders, hoewel geen van hen al twee wereldbekerzeges had durven voorspellen, ook al sloot de Oostenrijker vorig jaar zijn juniorentijd af als wereldkampioen. Schlierenzauer is al vanaf zijn negende schansspringer, nadat een schoolkameraadje hem als introducé naar de Innsbruckse club SV Bergisel had meegenomen. Sinds die dag is de sport een verslaving voor de jongen die ooit begon met voetballen.

En nu geldt Schlierenzauer als favoriet voor de eindzege in de Vierschansentournee, die zondag wordt afgesloten. Na twee wedstrijden leidt hij het klassement, dankzij een eerste (Obertsdorf) en vierde plaats (Garmisch-Partenkirchen) op schansen die hij nog niet kende. Wat kan er nog misgaan in de wetenschap dat hij van de laatste twee schansen, in Innsbruck (vandaag) en Bischofshofen (zondag), elke vlok sneeuw kent?

Mocht Schlierenzauer winnen dat schenkt hij zichzelf het mooist denkbare verjaardagscadeau, want zondag wordt de Oostenrijker zeventien.

    • Henk Stouwdam