De vis heeft niks aan de nieuwe milieustrategie

Milieuministers maakten in Brussel afspraken om het zeemilieu te beschermen.

Maar de grootste bedreiging voor het milieu, visserij, komt in hun plannen niet voor.

In 2004 kwam op het Duitse waddeneiland Sylt een gezelschap van archeologen, historici en biologen bij elkaar. Zij kwamen samen om vast te stellen hoe de planten- en dierenwereld van de Waddenzee er in het verleden heeft uitgezien. De onthutsende conclusie luidde: tientallen planten- en diersoorten die eens in de Waddenzee hebben geleefd, zijn in de afgelopen duizend jaar verdwenen. Daaronder zijn soorten als de grauwe walvis, die nu alleen nog in de Stille Oceaan voorkomt, en de kroeskoppelikaan. Vissoorten die in de late Middeleeuwen de basis vormden van grote visserijen in de Waddenzee en de aangrenzende Noordzee, blijken nauwelijks meer in het gebied voor te komen.

Een aantal deelnemers van die workshop trok de ontwikkelingen door naar de toekomst. Ze rapporteerden onlangs hun bevindingen in het Amerikaanse wetenschappelijke tijdschrift Science: als de zeevisserij op de huidige manier doorgaat, zou er omstreeks het jaar 2048 geen vis meer te vangen zijn in de wereldzeeën.

Vaak is de oorzaak van de achteruitgang de mens. In de kustwateren zoals de Waddenzee vormt habitatverandering – verandering van het leefmilieu – door menselijk ingrijpen een belangrijke oorzaak. Inpoldering, afdamming van riviermonden en vernietiging van banken van levende organismen, zoals oesters en kokerwormen, leiden tot het verdwijnen van de noodzakelijke levensvoorwaarden voor een reeks van planten en dieren.

De tweede belangrijke oorzaak is overexploitatie. Jacht op walvissen, zeehonden en zeevogels heeft vele soorten doen verdwijnen uit de kustwateren. De visserij is verantwoordelijk voor het verdwijnen van de oesterbanken in de Waddenzee en elders. Door bevissing zijn ook vele vissoorten verdwenen. Ooit kwamen in de Noordzee tonijnen voor: ze zijn er niet meer. De vleet, een rog van bijna twee meter, waarop ooit in de zuidelijke Noordzee werd gevist, is daar vrijwel verdwenen.

Nieuwe regels van de Europese Unie moeten een eind maken aan de gevolgen van het menselijk gedrag. De strategie moet leiden tot een nieuwe richtlijn voor het beheer van de Europese zeeën.

Op 18 december hebben de Europese milieuministers in Brussel overeenstemming bereikt en een ‘Europese Mariene Strategie’ opgesteld. Doel is om de Europese zeeën vóór 2021 weer in een goede ecologische staat terug te brengen. Maar samen met Groot-Brittannië slaagde Nederland erin de plannen te ontdoen van ver strekkende ‘resultaatverplichtingen’. De milieuministers spraken alleen een ‘inspanningsverplichting’ af.

Wat schieten we daar mee op? De inhoud van de Strategie stelt teleur:

1 De eerste teleurstelling is dat de Mariene Strategie geen rechtstreekse invloed zal hebben op de kustwateren zoals de Waddenzee en de Ooster- en Westerschelde. De strategie zal van kracht zijn vanaf het begin van de territoriale wateren. De gebieden waar de allergrootste verliezen zijn geleden, zullen dus buiten schot blijven. Hier moeten het herstel en de bescherming worden verzekerd door andere Europese richtlijnen: de Vogelrichtlijn, de Habitatrichtlijn en de Kaderrichtlijn Water.

2De tweede teleurstelling is dat de Mariene Strategie zich niet zal bemoeien met de visserij. Die zal geregeld blijven door het Europese Gemeenschappelijke Visserijbeleid. De grootste bedreiging van de ecosystemen van de Noordzee zal dus niet door de Mariene Strategie worden aangepakt, al wordt er wel afstemming aangekondigd.

Waar is die Mariene Strategie dan wel voor nodig? Zij blijkt gericht te zijn op zaken als watervervuiling, overmatig geluid, dumping van stoffen en zandwinning. Dat zijn zaken die zeker netjes moeten worden geregeld maar die, deels door succesvol eerder beleid, in de Noordzee geen grote problemen veroorzaken.

Waarom wil staatssecretaris Van Geel (Milieu, CDA) niet verder gaan dan een inspanningsverplichting in plaats van een resultaatsverplichting? Dat zal ongetwijfeld voortvloeien uit zijn ervaringen met de Europese regels met betrekking tot fijnstof. Die zijn zo streng dat Nederland er niet of nauwelijks aan kan voldoen. De staatssecretaris zal niet weer in een dergelijke positie willen belanden. Bovendien is de watervervuiling in de Nederlandse Noordzee grotendeels afkomstig uit het buitenland.

Hoewel de Mariene Strategie de belangrijkste problemen met de Noordzee uit de weg gaat, is een dwingendere Europese richtlijn voor het zeemilieu wel nodig; ook al willen Nederland en Groot-Brittannië zich nu aan deze eerste stap onttrekken. Europa is er eerder in geslaagd om resultaten af te dwingen, bij de Vogel- en Habitatrichtlijnen. Nu de Noordzee nog.

Wim J. Wolff is sinds 2006 emeritus hoogleraar Mariene Biologie aan de Rijksuniversiteit Groningen.

    • Wim Wolff