‘Patiënt kan door WMO tussen wal en schip vallen’

Psycholoog Siebesma deed drie keer onderzoek naar de gehandicaptenzorg in Zweden. Die lijkt op de Nederlandse WMO, die op 1 januari werd ingevoerd.

Siebesma Foto Sake Elzinga Nederland - Assen - ( Drenthe ) - 03-03-2005. Peter Siebesma. Onderzoeker over zorg en de wet maatschappelijke ondersteuning. Foto: Sake Elzinga Elzinga, Sake

In Zweden viel in de jaren tachtig veel te leren over gehandicaptenzorg. Nergens anders was de destijds ook in Nederland ontluikende gedachte, dat gehandicapten zo veel mogelijk als ‘normale’ mensen moesten kunnen leven, zo systematisch tot uitgangspunt van beleid gemaakt. Dit leidde tot het sluiten van grote instellingen en de opkomst van kleinschalige woonvormen.

Peter Siebesma, toen als psycholoog werkzaam in de gehandicaptenzorg, toog in 1987 voor het eerst naar Zweden om onderzoek te doen naar de resultaten van deze opvattingen. Dit resulteerde in een rapport voor de Raad van Europa. Vlak voor de decentralisatie van de niet-medische zorg naar de gemeenten deed Siebesma, inmiddels directeur van De Zijlen, een instelling in Noord-Nederland met circa duizend cliënten met verstandelijke beperkingen, wederom onderzoek in Zweden. In 2005 – ruim tien jaar na de decentralisatie – ging hij voor de derde keer. Op basis van zijn ervaringen schreef hij het boek De droom van Grunewald. Karl Grunewald is de grondlegger van het ‘Zweedse model’ voor gehandicaptenzorg.

Al tijdens zijn eerste bezoek aan Zweden signaleerde Siebesma een zekere spanning tussen wonen en zorg: er was veel aandacht voor de kwaliteit van woonvoorzieningen, weinig voor de kwaliteit van de verleende zorg. „In 1992 zag ik dat het niet goed ging, maar dat werd toegedekt.” Hij geeft een voorbeeld van een groepswoning met Indiaas personeel dat meer als oppasser dan als zorgverlener opereerde. Door de ondeskundige zorg was ook relatief veel personeel nodig. „Zulke misstanden komen daar niet naar buiten.”

Tijdens zijn bezoek in 2005 las Siebesma voor het eerst in officiële stukken dat de sector kampte met gebrek aan deskundigheid bij het personeel. Langzamerhand wordt het probleem bespreekbaar. Op dit punt zijn gehandicapten in Nederland veel beter af, vindt hij: „Hier is gekozen voor de inhoud.”

Dat gebrek aan deskundigheid is voor een deel terug te voeren op de decentralisatie. „Vóór de invoering van de nieuwe wet waren er meer mogelijkheden voor instellingen om hun personeel te laten ondersteunen door speciale provinciale ondersteuningsteams.” De Zweedse provincies hebben nu niets meer over de alledaagse zorg te vertellen. En hoewel ze nog wel specialisten in dienst hebben, worden die nauwelijks ingeschakeld door gemeenten. Als de deskundigheid eenmaal beneden een zeker niveau is gezakt, is er ook geen vraag meer naar deskundigheid.

„Wij hebben betere waarborgen voor deskundigheid. Ben ik er gerust op dat dit zo blijft? Ik ben bang dat de WMO op dezelfde aannames berust als de Zweedse wet. Wij hebben in Nederland goede dingen ontwikkeld in de zorg, zoals niet betuttelen, maar ondersteunen. Ondersteunen is echter niet makkelijker. Daar heb je ook deskundigheid voor nodig.”

In Zweden vallen cliënten soms tussen wal en schip wanneer ze voorzieningen toegekend krijgen, maar niet geleverd, omdat de gemeente andere prioriteiten heeft. „Ik zie niet dat er bij ons zo veel aan gedaan is dat dit niet kan gebeuren. Het voordeel is dat we hier met een beperkter pakket aan voorzieningen beginnen.” Zo is de huishoudelijke hulp uit de AWBZ overgegaan naar de gemeenten, maar de verpleeghuiszorg niet. Het kan dat dit over een aantal jaren wel gebeurt, maar dat vergt dan een wetswijziging.

Siebesma is ervan overtuigd dat op den duur alle zorgvoorzieningen onder hetzelfde regime moeten vallen, met uitzondering van heel specifieke bovenregionale functies. „Uitgaande van de WMO moeten de gemeenten dit dus waarmaken. Het is een enorme verzwaring van hun taken. Maar we hebben nu die wet, laten we hem op de goede manier toepassen. De wet zit nu heel anders in elkaar dan oorspronkelijk voorgesteld. Daar hebben de belangenorganisaties veel invloed op gehad. Zij moeten nu niet inzakken, maar betrokken blijven bij de uitvoering. Evalueer goed.” Dat is in Zweden nog altijd niet gebeurd.

„De WMO zet de deur open naar een heel nieuwe manier van zorg aanbieden. We zien hier het begin van het centraler stellen van burenhulp. Dat gaat op den duur ook de verpleeghuizen en de psychiatrie aan. Pas over enkele jaren zien we wat deze wet betekent, als er meer functies bijkomen.” Onderschatting van de vraag, in Zweden aanvankelijk een groot probleem, ziet Siebesma hier niet zo snel optreden, maar de kosten blijven wel een heikel punt. „Zorg is per persoon duur. Kun je winnen door een betere logistiek? Bijvoorbeeld door persoonlijke assistenten te koppelen aan teams, door groepswoningen faciliteiten te laten delen.” In Zweden is dat tot dusverre nauwelijks bespreekbaar. „Ik ben benieuwd of ze daartoe bereid zijn.” Nederland is in dit opzicht minder dogmatisch.

Het eerste deel van dit tweeluik over de WMO in Zweden is na te lezen opnrc.nl/binnenland