Bidden tegen abortus en voor broeder Rouvoet

De stichting Schreeuw om leven hoopt op wonderen. Het wonder dat de ChristenUnie in de regering komt. En het wonder dat er dan een eind komt aan de huidige abortuswet.

Bert Dorenbos knielt tijdens het gebed. „Wij geloven dat U het hart van Jan Peter Balkenende en Wouter Bos kunt laten bezwijken onder het besef dat abortus niet mag.” Foto Merlin Daleman Schreeuw om leven,Dhr. Dorenbos (knielend). Hilversum, 02-01-07 © Foto Merlin Daleman Daleman, Merlin

Ze hebben de ogen dicht en handen gevouwen. Zeventien mannen en vrouwen, de meesten ouder dan vijftig jaar, zitten rondom tafeltjes met kaarsen. Op schoot ligt de bijbel. Eén persoon spreekt: „Wij geloven dat U het hart van Jan Peter Balkenende en Wouter Bos kunt laten bezwijken onder het besef dat abortus niet mag, en moet worden afgeschaft.” Een moment stilte. Een ander hervat het gebed: „Een meerderheid van het volk beschouwt abortus als een verworvenheid, maar het is een verdorvenheid.” Wederom stilte. Een nieuwe spreker: „We bidden voor broeder André Rouvoet. Dat hij standvastig blijft en dat we verwonderd zullen staan waar u toe in staat bent.”

Leden van de stichting Schreeuw om leven, van voormalig EO-directeur Bert Dorenbos, baden gisteren vol overtuiging in een centrum in Hilversum voor de formatie. Ze willen dat de ChristenUnie er voor zorgt dat abortus wordt afgeschaft. Onder hen waren niet alleen aanhangers van de ChristenUnie, maar ook van de SGP en het CDA. Ze zijn het met elkaar eens dat ongeboren kinderen recht hebben op leven en dat het niet de mens is die beschikt over dat recht, maar God.

Dorenbos ziet het gebed als een reëel middel in de strijd voor afschaffing. „We geloven in een God die wonderen kan doen als we bidden. Het is een wonder dat het vorige kabinet opdracht gaf voor een evaluatie van de abortuswet. Een tweede wonder zijn de besprekingen tussen CDA, PvdA en ChristenUnie.” Ook een derde wonder sluit hij niet uit. „De abortuswet is met één stem meerderheid ingevoerd. Dan zou hij ook met één stem meerderheid kunnen worden afgeschaft.” Een gebed helpt echt, volgens zijn echtgenote Willy Dorenbos: „Als je echt met je hart bidt, dan luistert God naar je. Ik geloof dat hij je gebeden verhoort, maar dat gebeurt niet altijd zoals wij verwachten.”

In 1985 richtte het echtpaar Dorenbos de stichting Schreeuw om leven op, nadat ze een film zagen waarbij een foetus werd weggehaald. „Daar waren we zo van onder de indruk. We identificeerden ons met het kindje. Je ziet in de film hoe hij zijn mondje opendoet. Vandaar de naam”, vertelt Dorenbos. Inmiddels telt de stichting een bestand van 80.000 mensen, vertelt zijn vrouw. De leden houden contact via nieuwsbrieven en e-mail. Elke maand wordt er een wake gehouden bij een abortuskliniek. „We praten daar met de vrouwen die naar binnen gaan en bidden.”

Aan de vooravond van de verkiezingen protesteerde de organisatie in verschillende Nederlandse steden, met als doel abortus weer op de politieke agenda te zetten. De leden vinden dat er te weinig aandacht is voor de psychologische gevolgen die vrouwen van een abortus ondervinden. „Een half miljoen vrouwen lopen rond met een gat in hun leven. Ze plegen vaak onder druk van de man abortus. Daarna hebben vrouwen vaak spijt. Vrouwen en meisjes ervaren dat ze hun kindje hebben vermoord en lijden hier onder”, zegt Dorenbos.

Astrid Mechielsen-van Schravendijk van Silent no More, een organisatie van vrouwen die een abortus hebben ondergaan, pleit middels een brief aan de ChristenUnie voor onderzoek naar de gevolgen van een abortus op verdere relaties. Ze vertelt hoe ze precies twaalf jaar geleden zwanger werd. Ze had een fout vriendje dat aan de drugs was en abortus leek de beste oplossing. „Daarna kreeg ik problemen met mijn moedergevoel en relaties. Ik voelde me verloren en gebroken. Nog jaren was ik op zoek naar mijn kindje. Zelfs nu nog strijd ik met het moederschap. Het voelt alsof ik gefaald heb.”

Bij Schreeuw om leven vond ze steun in het geloof. „Bij ons kunnen vrouwen hun verhaal kwijt. We proberen ze de pijn te laten verwerken via een bijbelstudie”, vertelt Willy Dorenbos. „Dat gaat in verschillende fasen. Allereerst ervaren ze opluchting. Daarna komt de boosheid en de pijn. Ze moeten door een fase van verwerking. Daarbij geven ze het kindje een naam. Vervolgens komen ze in de laatste fase, waarbij ze vergeving vragen aan God en de abortus een plaats geven in hun leven.” „Ik heb heel dicht God ervaren. Eerst was hij boos, maar daarna gaf hij mij zijn liefde en genade”, vertelt Astrid.

Vaak is er in christelijke kringen geen plaats voor verwerking van abortus. De familie schaamt zich. Daardoor is er veel verborgen leed. Volgens pastor Jan den Admirant moeten christenen zich juist inzetten voor het leven en abortus bespreekbaar maken in de samenleving. Dorenbos pleit eveneens voor betere voorlichting. Nederland is volgens hem te tolerant vanuit onwetendheid. „Men heeft niet in de gaten wat de redenen voor abortus zijn. Vaak is een derde kindje gewoon te veel. Het gaat hier om een fundamentele discussie over leven. Een ongeboren kind is ook een individu dat recht heeft op leven. God beschikt over het leven.”

Daarom zou volgens Schreeuw om leven ook een kind met een ernstige afwijking niet geaborteerd mogen worden. Zelfs niet als verwacht wordt dat het kind vrijwel zeker na de geboorte sterft. „Als vrouwen daar achter komen, zijn ze vaak al ver in de zwangerschap”, zegt Willy Dorenbos. „Het is natuurlijk verschrikkelijk, maar vrouwen die dit hebben meegemaakt, vertelden me dat ze het goed vonden om het kindje uit te dragen. Anders blijven ze tobben met de vraag of hun kindje toch een kans zou hebben gehad.”

„Het is maar net hoe je naar lijden kijkt”, zegt Astrid. „God heeft een andere kijk op de dingen. Mensen mogen er zijn, omdat God wil dat ze er zijn. Een mens heeft niet alleen bestaansrecht als hij of zij wat toevoegt aan de maatschappij. Het is voldoende dat je er bent.”