Thaise premier: schuld aanslagen bij voorganger

De Thaise premier Surayud Chulanont heeft gisteren aanhangers van de verdreven premier Thaksin Shinawatra aangewezen als waarschijnlijke daders van de negen bomaanslagen in Bangkok op oudejaarsavond. Thaksin, die momenteel in China verblijft, liet via zijn advocaat weten niets met de aanslagen te maken te hebben, en noemde de aantijging „oneerlijk”.

Zondagavond vonden op zes plaatsen in de hoofdstad explosies plaats, waarna de burgemeester de nieuwjaarsfeesten in grote delen van de stad afgelastte en extra veiligheidsmaatregelen van kracht werden. Feestgelegenheden en stations werden bewaakt, wegversperringen opgeworpen en extra politiepatrouilles door de hele stad uitgezet. Kort na middernacht volgden nog drie explosies, in een telefooncel, in een hotel en bij een brug in het centrum, alle drie nabij locaties waar grote nieuwjaarsfeesten gehouden zouden worden. Drie personen kwamen om en 38 raakten gewond, onder wie zeker negen buitenlandse toeristen. Australië, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten hebben hun burgers in Bangkok opgeroepen waakzaam te zijn en samenscholingen te vermijden.

De aanslagen zijn niet opgeëist. Los van enkele kleinere explosies voorafgaand aan de politieke onrust afgelopen najaar, toen het leger een geweldloze staatsgreep pleegde en met goedkeuring van koning Bhumibol een interim-regering formeerde, zijn bomaanslagen ongebruikelijk in Bangkok. Aanvankelijk was er geen verdenking in een bepaalde richting, maar gisteren zei de door de coupplegers aangewezen premier Surayud dat de aanslagen, die bedoeld zouden zijn om „politieke onrust onder het publiek te creëren” „waarschijnlijk waren gerelateerd aan mensen die hun politieke voordelen hadden verloren”, een nauwelijks verhulde verwijzing naar Thaksin. Enkele leden van Thaksins regering moesten zich gisteren melden bij de Raad voor Nationale Veiligheid, zoals de coupplegers zichzelf nu noemen.

Surayud gaf geen bijzonderheden over de verdenking, maar wist wel te melden dat „er op basis van het nu verzamelde bewijs een kleine kans is dat er een verband is met de opstand in het zuiden”. In drie zuidelijke provincies voeren moslimrebellen een onafhankelijkheidsstrijd, waarbij sinds 2004 ruim 2.000 doden zijn gevallen. Analisten sluiten niet uit dat de junta de aanslagen heeft laten plegen om Thaksin, die in het voorjaar de verkiezingen won, in diskrediet te brengen. (AP, Reuters)