EU: doodstraf had ook in dit geval niet gemogen

Europa is tegen de doodstraf. Maar de Europese reacties op de executie van Saddam verschillen in woordkeus en toonzetting, van ‘respect’ tot ‘barbaars’.

Rotterdam, 2 jan. - De executie van de Iraakse ex-president Saddam Hussein heeft in Europa tot uiteenlopende reacties geleid. De voltrekking van de doodstraf zaterdagochtend vroeg wordt vrijwel Europabreed afgewezen, maar woordkeuze en toonzetting verschillen, uiteenlopend van „barbaars” (Europees Commissaris Louis Michel) tot „soevereine beslissing van een Iraakse rechtbank” (Poolse regering).

Finland, tot gisteren voorzitter van de Europese Unie, wees op het principiële verschil tussen Europa en de Verenigde Staten. Terwijl de Amerikaanse president Bush sprak van „een mijlpaal op de weg van Irak naar democratie”, beklemtoonde Finland dat Europa consequent tegen de doodstraf is.

„De doodstraf had ook in dit geval niet moeten worden toegepast, ofschoon er geen twijfel bestaat over Saddams schuld voor hele ernstige misdaden tegen de menselijkheid”, aldus de Finse minister van Buitenlandse Zaken, Erkki Tuomioja. Hij wees op het risico dat de executie de verdeeldheid in Irak kan vergroten, te meer daar er „serieuze kritiek bestaat op de wijze waarop het proces is verlopen”.

Bondskanselier Angela Merkel van Duitsland, dat gisteren het voorzitterschap van de EU overnam van Finland, zei „de veroordeling te respecteren”. Op nieuwjaarsdag voegde zij eraan toe: „Ik wens het Iraakse volk toe dat het de geweldloze weg op zal kunnen gaan.”

Ook Frankrijk koppelde zijn afwijzing van de executie aan een bemoedigend woord. Parijs riep de Irakezen op „naar de toekomst te kijken en te werken aan de verzoening en nationale eenheid”.

Terughoudendheid kenmerkte verder de reacties van Groot-Brittannië en verschillende Oost-Europese landen. Londen liet bij monde van minister Margaret Beckett (Buitenlandse Zaken) weten de beslissing van de Iraakse autoriteiten „te respecteren”.

Becketts Tsjechische collega Alexander Vondra zei dat de executie moet worden gezien „in de actuele Iraakse context”. Volgens het Hongaarse minister van Buitenlandse Zaken is Saddams schuld voor massamoorden komen vast te staan „in een normaal strafproces”.

Daarentegen kozen andere Europese regeringen en ook de Europese Commissie scherpere bewoordingen. De Italiaanse premier Romano Prodi zei zich grote zorgen te maken dat „de executie de spanningen in Irak nog verder zal doen oplopen”.

Ook de Spaanse regering zei de sanctie voor „de Iraakse dictator te betreuren”. De Zweedse minister van Buitenlandse Zaken, Carl Bildt, hekelde bovendien de gebrekkige rechtsgang. Levenslang was volgens hem juister geweest.

De Belgische eurocommissaris Louis Michel kwalificeerde de executie als „barbaars” en wees op het risico dat velen Saddam nu als martelaar gaan zien. „Men kan volgens mij barbarisme niet bestrijden met barbaarse handelingen. Doodstraf is niet verenigbaar met democratie”, aldus Michel.