Ook Oekraïne heeft nu zijn eigen genocide

Was de door Stalin veroorzaakte hongersnood in Oekraïne in 1932 en 1933 genocide? Nee, zeggen pro-Russische politici in Oekraïne. Ja, zegt een nieuwe wet. De geschiedenis als wapen in de Oekraïense machtsstrijd.

Het is een splijtzwam, de Holodomor, de kunstmatige hongersnood waarmee Stalin in 1932 en ’33 miljoenen Oekraïeners uitroeide. De Oekraïense president Joesjtsjenko, die sinds deze zomer zijn land bestuurt in ongemakkelijke ‘cohabitatie’ met zijn premier Janoekovitsj, kwam er vorige week mee. Het startschot van een partij politiek vrij worstelen.

Op 25 november herdacht Oekraïne de hongersnood met nachtwaken en kaarsjes. „Het was de winter dat de graanschuur van de wereld in een massagraf veranderde’’, zei Joesjtsjenko in een toespraak. Politici, vervolgde hij, „moeten van hun knieën oprijzen en deze bladzijde in onze geschiedenis een naam geven”. Waarna hij het parlement een motie voorlegde om de hongersnood voortaan als genocide van de Sovjet-Unie tegen Oekraïne te kwalificeren.

Dat was een verhulde oorlogsverklaring aan zijn pro-Russische premier. Die kwam met een eigen motie, waarin de hongersnood ‘een misdaad tegen Oekraïeners en andere volkeren van de USSR’ werd genoemd. Een tragedie die iedereen trof dus, niet alleen Oekraïeners. Na een stevig debat weekte de president dertig socialisten uit de flinterdunne ‘Anticrisis Coalitie’ van de premier los. Met een nauwe marge van 233 stemmen vóór is Holodomor-ontkenning voortaan een strafbaar feit in Oekraïne. Heel even was de oude ‘Oranje Coalitie’ van Joesjtsjenko uit zijn as herrezen.

De Holodomor is een kolossale historische misdaad, maar ook een wapen in de Oekraïense machtsstrijd. Zoals alle ophef binnen de EU over de Armeense genocide vooral dient om Turkije voor het blok te zetten, zo is de Holodomor een breekijzer richting Moskou en diens lokale sympathisanten. Oppositiepolitica Timosjenko formuleerde dat na de stemming helder: de Holodomor is een waarschuwing voor politici die voor Moskou kruipen „hopend op geopolitieke voordeeltjes”. Lees: zich aan het Kremlin onderwerpen voor goedkoop gas.

De Holodomor-wet bleek een inleiding tot politiek tumult. Deze week bezocht premier Janoekovitsj Moskou en Washington in een poging het buitenlandse beleid naar zich toe te trekken, volgens de grondwet het domein van de president. De presidentsgetrouwe minister van Buitenlandse Zaken Tarasjoek verbood het bezoek omdat de premier geen presidentiële instructies had. De premier zuiverde daarop zijn kabinet van Joesjtsjenko-mannen: minister Tarasjoek en de minister van Binnenlandse Zaken. Ook de minister van Defensie zat op de schopstoel, liet de premier weten.

Uiteindelijk moest Janoekovitsj de president toch tandenknarsend toestemming vragen voor zijn reisje.

De inzet van de huidige strijd is helder: de steven richting Moskou of richting het Westen? Volgens de grondwet gaat de premier hier niet over, de ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie zijn benoemingen van de president. Dus keerde minister Taratsjoek deze week na een rechtbankvonnis terug naar zijn eigen ministerie, al houdt de premier de deur van zijn kabinet voor hem gesloten.

De Holodomor helpt de president. Het slaat een bres in de ‘Anticrisis Coalitie’ van de premier en belast de relatie met Moskou. Het Poolse parlement verklaarde de Oekraïense hongersnood woensdag eveneens tot genocide. Opmerkelijke eregast bij de zitting was Oleksandr Moroz, de socialistenleider die ‘Oranje’ brak door naar Janoekovitsj over te lopen.

De premier wil de Holodomor liefst snel vergeten, terwijl de president er juist alles aan doet de herdenkingskaarsjes zichtbaar brandend te houden, met name ook richting Moskou. In april probeerde hij de Holodomor al zonder succes op de agenda te krijgen bij een bijeenkomst van de GOS, de unie van voormalige Sovjetrepublieken. Ook binnen de VN lobbyt Oekraïne voor erkenning van de Holodomor als genocide.

De volgende stap is helder: een eis tot boetedoening van Moskou. Dat kan een schaduw werpen over het staatsbezoek van Poetin op 22 december. Een voorproefje kreeg vice-voorzitter Sliska van de Doema deze week in Kiev: de pers vroeg eindeloos door of een excuus niet op zijn plaats was. Sliska zweeg en draaide, stelde uiteindelijk dat zij „persoonlijk niemand had geschaad” en dus geen reden zag voor een excuus. Poetin zal iets beters moeten verzinnen.