Tussen onvrede en voorspoed

In Duitsland is Merkels coalitie een jaar aan de macht.

SPD en CDU/CSU maakten voortdurend ruzie.

Er komt maar geen einde aan het goede nieuws uit Duitsland. De economie groeit. De belastinginkomsten stijgen. De bedrijven maken winst. Én de werkloosheid daalt.

Wie onder een zo wolkenloze hemel de zon niet wil zien, moet wel een onverbeterlijke pessimist zijn. Of een Duitse kiezer. De regering die de zegeningen mag verkondigen is niet bijster populair. De helft van de bevolking denkt dat de grote coalitie van CDU/CSU en SPD niet in staat is de problemen van het land op te lossen. Zowel CDU/CSU als SPD staat in de peilingen zwaar op verlies.

Iedereen profiteert van de voorspoed. Werkzoekenden, ondernemers, consumenten en winkeliers. Overal stroomt melk en honing, maar op de regering, nu een jaar aan de macht, slaat de feestvreugde niet over.

De onmin vloeit onder andere voort uit het wezen van de grote coalitie. De coalitie is groot, in omvang. Het numerieke overwicht in het parlement wekte de verwachting dat de coalitie ook tot grote dingen in staat zou zijn. In Berlijn zou men eindelijk knopen doorhakken. Ontslagrecht. Gezondheidszorg. Pensioenen. Zorgverzekering. Belastingen.

Men hakte knopen door, een paar. Maar men maakte ook voortdurend ruzie. Het grootste gevecht leverden SPD, CDU en CSU over de hervorming van de gezondheidszorg – altijd een heikel dossier omdat het iedere burger direct raakt.

De regering zelf is de discrepantie tussen de economische voorspoed en de onmin van de kiezer niet ontgaan. Het economische succes is nog pril, zegt men in regeringskringen. Bovendien is de coalitie een gedwongen huwelijk: de partners hebben „innerlijk nog geen vrede gesloten met de situatie”. Elk besluit is een moeizaam compromis. CDU/CSU en SPD maakten er een sport van om de winst die de tegenpartij in de onderhandelingen had geboekt zwart te maken. Elke partij becommentarieerde een ander deel van het besluit. „Bij de burger ontstond zo de indruk: niets is goed.”

Deze week moest Merkel haar koers op een partijcongres rechtvaardigen. In eigen kring moest ze jaren vechten voor macht en aanzien. Echt geliefd was ze nooit. Een reeks mannelijke kroonprinsen liet niet na om, soms openlijk, soms slinks, haar positie te ondermijnen.

Maar de congresgangers, bijeen in Dresden, sloten Merkel in hun armen. De afgevaardigden onthaalden hún Angela op staande ovaties, herkozen haar met 93 procent tot voorzitster én deelden rake klappen uit aan de kroonprinsen. Kom niet aan de baas! De minister-presidenten Koch (Hessen) en Wulff (Nedersaksen) werden met kleine meerderheden gekozen in het partijbestuur. Jürgen Rüttgers (Noordrijn-Westfalen) had openlijk tegen Merkel oppositie gevoerd en kreeg, met 57 procent van de stemmen, een draai om zijn oren.

Partijcongressen zijn goed geoliede applausmachines en het is niet gangbaar een kanselier uit eigen kring openlijk te demonteren. Maar de steunbetuiging in Dresden was niet plichtmatig.

Kiezers die hadden gehoopt dat Merkel ook meer profiel zou krijgen, kwamen bedrogen uit. De vraag of de CDU een socialere of een liberalere koers wil volgen werd niet beantwoord. Er werden moties aangenomen met sociaal-democratische strekking – hogere uitkering voor oudere werklozen. Er werden moties aangenomen van liberale snit – minder ontslagbescherming. In haar toespraak zei Merkel herhaaldelijk dat de verzorgingsstaat vernieuwd moet worden. Maar hoe ze dat wil doen, blijft het raadsel van Dresden.

Bekijk video’s, foto’s en documenten van de CDU-partijdag:www.dresden2006.cdu.de of 12009 naar 7585