Frans Weisglas is urenlang mild

Er waren koninklijke onderscheidingen, felicitaties, cadeautjes en een paar tranen. Maar bovenal waren er heel veel toespraken. Gisteren kwam de Tweede Kamer voor het laatst bijeen in de oude samenstelling. Vanaf vandaag treedt de nieuwe Kamer aan, zoals die vorige week werd gekozen.

Scheidend voorzitter Frans Weisglas luidde 69 vertrekkende Kamerleden uit met een persoonlijke speech. Hij benutte zijn laatste dag door de vertrekkers urenlang toe te spreken, al hield hij het mild en hooguit ironisch.

Tegen LPF-fractievoorzitter Olaf Stuger: „De vrije val die u in de campagne per parachute maakte, liep voor u beter af dan voor uw collega Varela.” Tegen João Varela, die tijdens de campagne gewond raakte bij een parachutesprong: „We kennen u als ijsdanser, parachutespringer en tennisser, waarbij ik me veroorloof op te merken dat het laatste u het beste afging.” Ali Lazrak, die sinds 2004 een eenmansfractie leidt, kreeg voor het laatst een berisping om zijn veelvuldige afwezigheid. „Bij uw aantreden hebt u gezegd dat u van plan was vooral uzelf te blijven. Wij mogen constateren dat u dat gelukt is.” Lazrak was er gisteren niet bij.

Het bestaan van de Lijst Pim Fortuyn in de Tweede Kamer is voorbij – de LPF heeft wel één senator. In mei 2002 kwam deze politieke nieuwkomer van de vermoorde partijleider Pim Fortuyn met 26 zetels in de Kamer. Mat Herben, tot drie keer toe fractievoorzitter van de LPF, noemde het een „weemoedige dag”. De opvolger van de LPF, de LVF, behaalde vorige week geen enkele zetel.

Premier Balkenende, „Weisglas-watcher”, herinnerde de scheidend voorzitter nog even aan diens ijdelheid. „In de hal heb ik een collectors item op de kop getikt, een ansichtkaart met uw naam. Daar kan je een postzegel op plakken, een adres op zetten en hem versturen. Er staat dan bij: Frans Weisglas, Voorzitter Tweede Kamer der Staten-Generaal.”

Nog één formaliteit moest de oude Kamer afhandelen. Ella Kalsbeek (PvdA) moest verslag uitbrengen over het verloop van de verkiezingen. De verzending van stempassen leidde vaak tot problemen, de controle op identiteit van kiezers was „oppervlakkig”, en buitenlandse kiezers klaagden dat zij geen oproepkaart hebben gekregen. En er waren talloze kleinere incidenten. Op een Rotterdams stembureau moest de politie de orde herstellen, in Nijmegen stemde een man voor zijn vrouw, „die daartegen protesteerde”. En een 86-jarige man uit Tilburg „draaide zich om nadat hij zijn stem had uitgebracht, duwde de volgende kiezer opzij en stemde nogmaals”.