EMI in beeld bij opkopers

Topman Eric Nicoli van EMI heeft zich waarschijnlijk vaker in overnamesituaties bevonden dan hij zich kan of wil herinneren, soms als roofdier en soms als prooi. Ditmaal zouden participatiemaatschappijen naar verluidt geïnteresseerd zijn in een overname van het muziekconcern. De fusiebesprekingen tussen EMI en Warner Music zijn deze zomer mislukt, nadat een Europees hof de goedkeuring door de Europese Commissie herriep van een joint venture tussen Sony Music en Bertelsmanns divisie voor muziekregistraties, BMG. De Europese Commissie beraadt zich nu opnieuw over die overeenkomst, een proces dat wel een jaar kan gaan duren. De rechterlijke uitspraak heeft geleid tot twijfel over de vraag of een transactie tussen EMI en Warner wél het groene licht zou krijgen.

Oppervlakkig gezien is EMI geen ideale overnamekandidaat voor bedrijvenopkopers. 80 procent van zijn omzet is afkomstig uit de wisselvallige sector voor muziekregistraties, hetgeen het moeilijk maakt om het percentage vreemd vermogen op te krikken. Het concern heeft al schulden ter hoogte van 3,5 maal de winst vóór rente, belastingen en afschrijvingen. En EMI heeft de afgelopen jaren flink bezuinigd. Bovendien is EMI niet zo goedkoop als Warner Music was toen Edgar Bronfman en zijn vrienden dat muziekconcern in 2003 opkochten.

Maar er is op z’n minst één voor de hand liggende manier om een overname door een participatiemaatschappij toch lonend te maken: door de verkoop van EMI’s divisie voor muziekregistraties aan Warner, als en wanneer de toezichthouders dat toestaan. De synergievoordelen van zo’n transactie zouden groot zijn. De participatiemaatschappij zou EMI’s muziekuitgeverij kunnen houden. Die is stabieler en kan veel vreemd vermogen aan. Vivendi heeft zojuist de muziekuitgeverij van BMG gekocht voor maar liefst negentien maal de winst vóór rente, belastingen en afschrijvingen. Door de synergievoordelen moest Vivendi flink in de buidel tasten. Maar als je de synergieën buiten beschouwing laat en een soortgelijk meervoud toepast op de winst van EMI’s muziekuitgeverij, zou die divisie wel eens 1,8 miljard pond (2,7 miljard euro) waard kunnen zijn. De divisie voor muziekregistraties vertegenwoordigt volgens schattingen van zakenbank Morgan Stanley een waarde van zo’n 1,7 miljard pond. Tel die twee bedragen bij elkaar op, trek de nettoschuld ervan af, en EMI is 290 pence per aandeel waard – nog vóór er sprake is van welke synergievoordelen dan ook. Dat komt overeen met EMI’s slotkoers van 286 pence.

Het grote probleem is dat een overeenkomst met Warner Music een hoop risico’s met betrekking tot de toezichthouders in zich draagt, zelfs als de fusie tussen Sony en BMG alsnog wordt goedgekeurd. Want als dat gebeurt, zullen de bestaande aandeelhouders van EMI misschien wel tot de slotsom komen dat ze beter af zijn als ze hun stukken vasthouden en de te verwachten winst bij een fusie voor zichzelf houden.

Fiona Maharg-Bravo

Voor meer commentaar uit Londen: www.breakingviews.com.Vertaling Menno Grootveld