Ze gingen voor goud en kregen roodkoper

Ze zijn drie zetels en hun grootste bondgenoot kwijt.

Het CDA heeft eigenlijk een Pyrrusoverwinning geboekt.

Het is verbazend om te zien met hoeveel vanzelfsprekendheid analisten en commentatoren de CDA-claim hebben geaccepteerd dat het een verkiezingsoverwinning heeft behaald. Immers, het enige positieve dat het CDA noteren mag, is dat het nog steeds de grootste partij is. Verder vallen er alleen maar schaduwzijden te bekennen. We zien hier de kracht van de beeldvorming: er was een zogenaamde race en degene die niet struikelde, is ‘dus’ de winnaar.

Het CDA heeft om te beginnen drie zetels verloren. Dat is veel. Om de dimensie daarvan aan te geven: met 44 in plaats van 41 zetels zou het samen met de PvdA een meerderheidskabinet van slechts twee partijen hebben kunnen vormen. Nu moet het inschikken voor een derde partij, misschien zelfs een vierde.

Dat wordt dus vermoeiend regeren. Bovendien, vorige kabinetten- Balkenende met drie partijen zijn in elkaar gezakt. Dat gevaar dreigt weer, want de kleinste komt altijd in de knel, moet zich profileren en gaat rare sprongen maken, gesterkt door de overmoed die je wel vaker bij politieke nieuwkomers ziet. DS’70, PPR, LPF en D66 (deze partij zelfs in meer kabinetten) gedroegen zich ieder op hun beurt als ongemakkelijke coalitiepartners. Balkenende loopt het reële risico dat drie van zijn vier kabinetten voortijdig sneuvelen door middelpuntvliedende krachten. Dat zal zijn reputatie geen goed doen.

Het CDA heeft ook nog eens zijn meest betrouwbare partner verzwakt en zelfs helpen afschrijven door een deel van de potentiële VVD-stemmers naar zich toe te trekken. Dat zal zich ogenblikkelijk beleidsmatig vertalen. Er komt nu een regeerakkoord met een geheel andere strekking dan het huidige.

Nu de PvdA zijn partner kan worden, zit het CDA opgescheept met een coalitiegenoot waar zowel in psychologische als programmatische zin de behoefte tot revanche nemen vanaf druipt; sowieso in de één-op-één-relatie met het CDA (‘Meneer Bos, u draait’), maar ook door de SP, die de PvdA in de nek zal blijven hijgen.

Over luttele maanden zijn de Statenverkiezingen, het jaar daarop de gemeenteraadsverkiezingen. De hecht georganiseerde SP zal er alles aan gelegen zijn het verschil met de PvdA duidelijk te maken. De toch al verbitterde PvdA heeft dan geen ander optie dan de SP de wind uit de zeilen te nemen. Alweer een ingebouwde instabiliteit.

Het kan voor het CDA nog erger worden als een doodsbenauwde PvdA eist dat de SP gaat meeregeren. Zegt het CDA daar ‘ja’ tegen, dan krijgt het beleidsmatig nog minder van het eigen programma gerealiseerd. Zegt het ‘nee’ tegen de SP, dan kan de PvdA ook afhaken en komt er niet eens een vierde kabinet-Balkenende. Tel uit je winst.

Bovendien is het nog maar de vraag of de PvdA en de SP Balkenende als nieuwe leider van een kabinet aanvaardbaar vinden. Hij stond en staat immers symbool voor alle sociale afbraak die links de afgelopen vier jaar meende te ontwaren. Tijdens de verkiezingen hamerde men daar flink op in. Het aantreden van deze voorman speelt dus een cruciale rol.

Er wordt nu gewezen naar het voorbeeld van Lubbers. Die stak als premier toch ook maar mooi over van centrum-rechts naar centrum-links. Jawel, maar men vergeet dat hij een reputatie had opgebouwd door vruchtbaar te regeren met de PvdA onder Den Uyl. Wat kan Balkenende daar tegenover stellen? Het Museumplein?

De PvdA zie je dat nog niet slikken. En Marijnissen mag dan nu leep beweren dat hij nooit persoonlijke problemen met de man heeft gehad, hij zou een geduchte deuk in zijn gouden geloofwaardigheid slaan als hij die hevig bestreden Balkenende straks aanvaardt als ‘zijn’ premier! De kans dat Balkenende wederom premier wordt is dus nog zeker geen honderd procent.

Gezien de jarenlange kritiek op Balkenende en de peilingen van voorheen is de huidige euforie bij het CDA menselijk en begrijpelijk. Je gunt het ze ook. Maar objectief gezien is er weinig reden het CDA als winnaar te zien. Het heeft zetels verloren; is zijn grootste bondgenoot kwijt; het wordt opgezadeld met minstens een driepartijenkabinet met ingebouwde instabiliteit; het krijgt een verbitterde PvdA naast zich, die alleen naar links kan hangen; en mogelijk kan Balkenende geen premier meer worden.

Tekstueel wordt de aanpassing misschien nog het gemakkelijkst: ‘Vrienden, we gingen voor goud. Maar we mogen al blij zijn als het nog roodkoper wordt.”

Ton Planken was 15 jaar parlementair redacteur van de Volkskrant en de NOS. Hij is nu communicatie-adviseur en traint onder andere politici.