Kaal, recht door zee, met harde klappen

De nieuwe cd ‘7’ van De Kift staat vol met Russische teksten. Zanger Ferry Heyne vertrok naar Rusland en raakte geïnspireerd door het werk van de jonge Russische dichter Boris Ryzji. „Hij is daar een popster.”

In een boksschool in het Rotterdamse Crooswijk krijgt zanger Ferry Heyne harde klappen. Er wordt een videoclip van zijn popmuziektheatergroep De Kift opgenomen, die moet gaan lijken op de brute boksfilm Raging Bull. Zeven keer zal Ferry tegen de grond geslagen worden, terwijl hij vergeefs probeert om zich in de boksring bij zijn bandleden te voegen. Zoals dat gaat bij een echte filmopname, duurt het ongeveer een uur voordat een in het script uitgetekend fragment van 19 seconden voor het nageslacht is vastgelegd. Dan heeft Ferry even tijd in de kleedkamer, om bezweet en nog gehuld in bokstenue iets over De Kift te vertellen.

„Onze cd heet ‘7’, onze zevende. In eerste instantie wilden we een cd maken met veel muziek en weinig woorden. We vroegen dichters om teksten te leveren, aan de hand van muziekflarden die we bedacht hadden. Toen ben ik gaan lezen, veel Russische poëzie. In het kader van de eenheid hebben we besloten het bij de Russen te houden. We heben teksten gebruikt uit een periode van drie eeuwen, van Poesjkin tot nu. Bij elkaar levert dat een bepaalde sfeer op, een stemming. Het fanfare-element is altijd aanwezig bij De Kift, net als het punkgevoel. Zelfs als we een opera maken, is het punk. Voor mij is dat een kwestie van mentaliteit. Recht door zee, kaal. Overbodige dingen snijden we eraf.”

Ferry ging de afgelopen jaren een paar keer naar Rusland. „In eerste instantie lijken de mensen daar afstandelijk. Maar als je ze hebt gewonnen, gaan ze los. Laat maar zien wat je kunt, zo werkt dat bij ons ook.” In de Zaanstreek waar de leden van De Kift vandaan komen, gaan industrie en wonen nog samen. „Als je naar links kijkt zie je de weilanden, rechts staat een enorme vetfabriek te roken. De spanning daartussen heeft een onroerende schoonheid. Rusland heeft dat ook. Het harde stadsleven en de prachtige natuur, dat contrast.”

Volgens Ferry leeft in Rusland de poëzie veel meer dan bij ons. „Een gedicht van tweehonderd jaar geleden wordt helemaal niet archaïsch gevonden. Jonge dichters, zoals Boris Ryzji, groeien op in die traditie. Hij vormt met twee van zijn gedichten de ruggengraat van ons album. Ryzji had een veelbewogen leven en heeft in 2001 op 25-jarige leeftijd zelfmoord gepleegd. Inmiddels is hij een icoon in Rusland; zijn werk wordt gelezen zoals er hier naar popsterren wordt geluisterd.”

Voordat Boris Ryzji dichter werd, was hij bokser en trad hij bovendien een keer op in Rotterdam op Poetry International. „Toeval, maar ik zit hier nu wel in een boksschool in Rotterdam. Zo’n hel verlichte ring met duisternis er omheen is vergelijkbaar met een podium in het clubcircuit. Je wordt er naartoe getrokken, als motten naar het licht. En dan gebeurt er iets heftigs, iets dat er in hakt.” De Kift benadert popmuziek altijd als theater, zegt Ferry. „Je moet er iets bij kunnen zien, denken, voelen. Dit is een verfrissend nieuwe hoofdstuk, want ‘7’ is voor Kift-begrippen een tamelijk rechtlijnige liedjesplaat. Met teksten van zware Russische dichters, dat wel.”

De nieuwe cd zit ditmaal in een bijzondere verpakking. „We hebben we er een soort postpakket van gemaakt. Het samenbindende thema is dat het over mensen gaat die onderweg zijn, of op de vlucht.”

De Kift speelt 30 nov. in Paradiso, Amsterdam.