Filmen tegen uitwassen van grootkapitaal

Vooral sinds Michael Moore ligt het multinationale bedrijfsleven onder vuur van activistische documentairemakers.

Films over vis, over koffie en slachtvarkens. De voedingsindustrie ligt onder vuur van activistische documentairemakers. Volgens de Britse broers Mark en Nick Francis, de makers van Black Gold, over koffiehandel, probeert koffiebedrijf Starbucks hun film onderuit te halen. Tegen de maker van Darwin’s Nightmare, de film over de grootschalige export van nijlbaars uit Tanzania die twee jaar geleden op het IDFA te zien was, werd in Tanzania en Frankrijk geprotesteerd.

Bij de première van Black Gold op het Amerikaanse Sundancefestival in januari verspreidde Starbucks een persbericht met de mededeling dat het zijn koffieboeren gemiddeld de Fair Tradeprijs betaalt. Bij de première in Londen, eind oktober, kregen Starbucksmedewerkers een email met daarin de waarschuwing dat de film‘niet accuraat en incompleet’ zou zijn.

„Black Gold gaat niet over Starbucks”, zegt Nick Francis, samen met zijn broer te gast op het IDFA. „Hij gaat over de onrechtvaardigheden in de koffie-handelsketen, die wordt gedomineerd door multinationals. We hebben Starbucks zes maanden tevergeefs achtervolgd met interviewverzoeken. Na de première mogen we ineens op het hoofdkantoor komen.”

Black Gold past in de groeiende rij filmische aanklachten tegen het bedrijfsleven die in 1989 door Michael Moore werd ingezet met Roger and Me, over General Motors. Dan heb je Supersize Me, waarin Morgan Spurlock zich ziek eet aan hamburgers, Enron, the Smartest Guys in The Room van Alex Gibney, over de teloorgang van de Amerikaanse energiegigant, en We feed the World en Our Daily Bread, over de voedingsindustrie. Beschuldigingen van milieuvervuiling en exploitatie breiden zich uit van non-gouvernementele organisaties naar bioscopen, dvd’s en websites. Na Supersize Me introduceerde McDonalds salades. Na enige moeilijke jaren is de winst van het bedrijf weer op het oude niveau.

In Darwin’s Nightmare, bekroond met zestien festivalprijzen en een Oscarnominatie, suggereert de Oostenrijker Hubert Sauper een verband tussen visexport en wapenimport in Tanzania. President Jakaya Kikwete van Tanzania zei in augustus dat Sauper de ineenstorting van de visexport op zijn geweten had. Vervolgens klonken er protesten in Mwanza, waar de film zich afspeelt. Een Tanzaniaanse journalist die in de film voorkomt werd bedreigd. Overigens schrijft de VN-organisatie Globefish de instorting van de export toe aan overbevissing.

Sauper, te gast op het IDFA, toont kopieën van Tanzaniaanse krantenartikelen met foto’s van de protesten. „Dit is mijn persoonlijke nachtmerrie’’, zegt hij. „Als mijn bronnen bedriegd worden nadat ik gefilmd heb, kan ik niet meer werken.” Hij wijt de problemen aan zijn Oscarnominatie: „Een kritische film die niemand ziet geeft geen problemen.”

Toch lijkt er met Darwin’s Nightmare meer aan de hand. In Frankrijk ontstond een fel debat toen de Franse filmhistoricus en zakenman Francois Garcon in januari een vernietigend artikel tegen Sauper publiceerde. Volgens Garcon vertekent Sauper de werkelijkheid en kan hij zijn suggestie van de ruil tussen wapens en vis niet aantonen. Sauper noemt de beschuldigingen een aanval van de Franse voedingsindustrie: „Garcon werkte voor Havas, het mediaconcern dat reclames doet van Frankrijks grootste restaurantketens en supermarkten.”

Black Gold op 3 dec. te zien op IDFA.