Adellijke actrices

De rubriek Bijzien zet elke week een film in bredere context. Deze keer koninginnen in de film naar aanleiding van Stephen Frears’ ‘The Queen’.

Wie zal straks koningin Beatrix gaan spelen in de miniserie die het duo Peter de Baan en Ger Beukenkamp gaat maken over Mabelgate (werktitel: De prins en het meisje)? Ik kan me niet eens herinneren of ze een rol speelde in hun vorige tv-samenwerking De kroon (2004), over de politieke rompslomp rond het huwelijk van Willem-Alexander en Máxima. Maar ik weet wel nog hoe in het eveneens door Beukenkamp geschreven toneelstuk Emily, of het geheim van Huis ten Bosch (1997) actrice Ineke Veenhoven en acteur Haiko van der Pol in een decadent-symbiotische moeder-zoon haat-liefde verhouding verstrikt waren. Het was bijna Kubrick.

De bioscoop heeft Beatrix voorlopig nog niet gehaald, anders dan haar grootmoeder Wilhelmina, die in Soldaat van Oranje (1977) van Paul Verhoeven geshockeerd-geamuseerd mag kijken naar wat blote borsten. En natuurlijk was zij in de interpretatie van Andrea Domburg toch vooral meer een dame uit de gegoede burgerij, dan echte royalty.

Hoe anders is dat voor de Britse Elizabeth II die vanaf deze week door de triomfantelijke ogen van actrice Helen Mirren kijkt in The Queen van Stephen Frears. Tuurlijk, ook zij draagt het liefste van die tweedrokken en stevige stappers. Maar dat heeft dan tenminste nog een functie voor de jacht.

Er zijn ontelbare films over prinsessen, maar zodra het over koninginnen gaat is het hofleven filmisch opeens al zijn glamour verloren. Er was Queen Christina (1933) met Greta Garbo, maar die Zweedse vorstin had al op vijfjarige leeftijd de troon bestegen en bovendien kón Garbo op het filmdoek niet oud worden, dus dat telt niet. Dat bleef een prinses. En er waren de meisjes-vorstinnen zoals Cate Blanchett in Elizabeth (1998) en recentelijk Marie Antoinette waarin Sofia Coppola Kirsten Dunst helemaal poederdonsroze ten onder liet gaan aan protocol en aristocratische arrogantie.

Engeland laat zijn vorstinnen uit vroeger en tegenwoordige tijden het liefste spelen door actrices die al een beetje van adel zijn: Dame Judi Dench als Elizabeth I in Shakespeare in Love (1998) en als koningin Victoria in Mrs. Brown (1997) en zoals nu Dame Helen Mirren in The Queen, die vorig jaar overigens al warmliep als diezelfde Elizabeth I in een minserie voor televisie. En dan natuurlijk verder door mannen (Blackadder) en poppen (Spitting Image), maar dan hebben we het wel over hardcore Engelse tv-satire op z’n best.

Verder spelen koninginnen bijrollen, in de (vaak Shakesperiaanse drama’s) die over hun mannen gaan: Henry VIII (ik herinner me Irene Papas als Catherine) of Macbeth.

Het meest onvergetelijk in die rol was actrice Isuzu Yamada, al heette haar personage Lady Asaji Washizu en Akira Kurosawa’s Shakespeare-verfilming Komonosu jô (Macbeth, bij ons beter bekend als Throne of Blood, 1957). Maar ja, je hebt dan ook fictieve vorstinnen nodig om pas echt goed de waanzin van hun beroep te laten zien.

Rectificatie / Gerectificeerd

Het artikel Adellijke actrices (29 november, pagina 11) vermeldt dat in de tv-serie Blackadder een man de koningin speelt. Dat is niet juist. Elspet Gray speelde Gertrude van Vlaanderen, de fictieve vrouw van koning Richard, in de eerste Blackadder-serie. In Blackadder II wordt ‘Queenie’ (Elizabeth I) gespeeld door Miranda Richardson.