President Soedan: géén VN in Darfur

Het is nu officieel: Soedan laat onder geen beding troepen van de Verenigde Naties toe in Darfur. Na een aankondiging onlangs van VN-secretaris-generaal Kofi Annan en verwarrende Soedanese uitspraken zei de Soedanese president Omar al-Bashir gisteren: „Iedere suggestie dat we een gemeenschappelijke strijdmacht hebben geaccepteerd is een leugen.” Annan zei eerder deze maand dat Soedan akkoord was gegaan met een gemeenschappelijke troepenmacht van de Afrikaanse Unie en de VN.

Bashir zei op een persconferentie verder dat er bij het conflict in Darfur 9.000 doden zijn gevallen, terwijl volgens voorzichtige schattingen van onafhankelijke bronnen dit cijfer rond de 200.000 ligt. Hij wees betrokkenheid bij de oorlog in het naburige Tsjaad af. Soedanese strijders van de Arabische Janjaweedmilitie operen vrijwel ongehinderd in Oost-Tsjaad en hebben daar de afgelopen weken honderden burgers gedood.

Bashir ontkende banden tussen zijn regering en de Janjaweed. Volgens de VN en de AU vallen Janjaweedstrijders ook in Darfur in toenemende mate dorpen aan. Minni Minawi, chef van een Darfurse rebellengroep die zich in mei bij de regering aansloot, zei in het weekeinde: „Iedereen weet dat de regering de Janjaweed herbewapent”.

Bashir sprak ook tegen dat er sprake is van een humanitaire crisis in Darfur. Volgens de president verspreiden buitenlandse hulpverleners leugens om zo hun banen in Darfur te kunnen behouden. Gisteren meldden de VN ruim twee miljoen vluchtelingen in Darfur, „meer dan ooit sinds in 2003 het conflict uitbrak”.